16 mei 2015

Henning Mankell - Drijfzand

Leven tussen twee ijstijden in !
 

'Dood en vergetelheid gaan samen,
net als kanker en existentiële angst.'
 
Toen de zestienjarige Henning Mankell de deur van het gymnasium voor goed achter zich dicht deed, wist hij dat hij schrijver wilde worden. Meteen daarna trok hij op de bonnefooi naar Parijs waar hij van klusjes leefde en een antwoord zocht op de vraag: 'Welk type samenleving wil ik helpen vormgeven?'. In die jongen zie je al de volwassene die zijn lezers hebben leren kennen als eigengereid en maatschappelijk geëngageerd. Wie het portret gelezen heeft dat Kirsten Jacobsen in 2011 van hem maakte, weet dat de Wallanders ontstaan zijn uit de behoefde om de politieke cultuur in Zweden aan de kaak te stellen. Zijn hang naar een socialere, rechtvaardiger wereld vind je ook terug in zijn theateractiviteiten in Mozambique.

Zonder de kankerdiagnose die de auteur bijna anderhalf jaar geleden te horen kreeg, zou het autobiografische statement Drijfzand niet op dit moment van zijn carrière geschreven zijn... en, wie weet, misschien nooit. Deze inkijk in de ziel van Mankell is geen chronologische weergave van gebeurtenissen, ontmoetingen en feiten waaruit zijn leven is opgebouwd. Het is een beschouwend geheel waarin het algemene persoonlijk wordt en het persoonlijke iets van ons allemaal. Uit het boek van Kirsten Jacobsen bleek al dat de Zweed in de eerste plaats een denker is. Hij stelt zich vragen over de plaats van de mens tussen de mensen, maar ook over zijn plek in de tijd en de ruimte.

Kirsten Jacobsen in gesprek met Henning Mankell 
De denkende reiziger neemt ons mee naar prehistorische tempelbouwers en grottekenaars, anonieme kunstenaars, met wie hij zich verbonden voelt over de eeuwen heen. Wanneer de globetrotter zich, in het amfitheater van Thasos, de acteurs uit de Oudheid voor de geest haalt (Mankell is ook een schrijvende regisseur), ervaart hij eenzelfde soort band. Ook uit het nabije verleden herinnert hij zich sleutelmomenten die hem voor even maar wel intens met een onbekende verenigden: een intrieste Afrikaanse vrouw in de Stephansdom in Wenen, een getormenteerde dame in een café in Noord-Spanje, supergetalenteerde straatartiesten die met de pet rondgingen in Mantova of Buenos Aires. Andere onuitwisbare geheugenfoto's tonen het leed van bekenden: een aan aids stervende jonge vrouw in Maputo, straatkinderen die in diezelfde stad in kartonnen dozen slapen. Een flink deel van zijn leven woonde en werkte de auteur zes maanden per jaar in de Mozambikaanse hoofdstad. Achter het imago van de stugge, gesloten Mankell, blijkt een empathische man met een scherp sociaal oog te schuilen. Het beeld van de eenzaat aan de Zweedse scherenkust is onvolledig. Deze schrijver heeft een groot hart voor zijn medemens!

Henning Mankell bij een repetitie in Teatro Avenida in Maputo.
© Henning Mankell
Van de bekommernis om het lot van anderen naar de bezorgdheid over de toekomst van de mensheid is een vanzelfsprekende stap. In Drijfzand komt Mankell meermaals terug op het kernafval dat we na zullen laten aan de volgende generaties. 'Wij laten iets na dat slechts uit duisternis bestaat', zo klinkt zijn verdict. En hoe kunnen we de archeologen van de toekomst laten weten dat ze hun handen moeten afhouden van dit vergiftigde geschenk?

Als je de dood in de ogen kijkt, ontkom je niet aan reflecties over vergankelijkheid en vergetelheid. Met een ijstijd in het vooruitzicht, - over 5000 jaar maar toch onontkoombaar - is dat zowel het lot van de enkeling als dat van een beschaving. In weerwil daarvan etaleert de mens zijn overlevingsdrang. Reacties en eigenschappen zoals angst, moed, verbeeldingskracht, levensvreugde en het vermogen om lijden te dragen, helpen ons hierbij. Het straatkind in Maputo staat elke dag weer op uit de kartonnen doos, de ernstig zieke auteur denkt aan het laten maken van een extra boekenrek en werkt verder aan zijn oeuvre. Barre tijden worden draaglijker als je ze in een creatieve vorm kunt gieten.

Zweedse laarzen is de laatste publicatie van H. Mankell
In november van dit jaar verschijnt zijn volgende roman, Zweedse laarzen. Daarin voert Mankell Fredrik Welin, de chirurg uit Italiaanse schoenen, weer op. Door een fatale zet van het noodlot wordt de hoofdfiguur verplicht zijn leven in een nieuwe structuur te gieten. Die uitdaging lijkt verdacht veel op wat de schrijver de afgelopen tijd voor de kiezen kreeg. Maar ze zegt ook veel over de flexibiliteit en weerbaarheid van het individu!

In Drijfzand zoekt de verteller naar zijn plekje in de menselijke keten. Ondanks de barbarij waartoe zijn soortgenoten al te vaak in staat zijn, is dat toch waar hij thuishoort en verantwoordelijkheid voor wil dragen: 'In ons leven kunnen we niet om de politieke dimensie heen, het contract dat we hebben afgesloten met alle anderen die tegelijk met ons leven. En niet alleen met hen, maar ook degenen die nog moeten geboren worden.' Daarnaast is er dankbaarheid om de luxe van de welgestelde die tijd kan maken om na te denken over het bestaan. Zwerfkinderen vullen hun dag met zoeken naar een homp brood en een alternatief voor hun verregend of gestolen kartonnen huis. Laat het sociale en filosofische oog van Henning Mankell ons nog maar even bij de les houden!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij De Geus - 2015

De boeken van Henning Mankell
 

8 mei 2015

Dertig dagen - Annelies Verbeke

 Over de illusie van vluchten !
 

'Mensen zijn opgehouden met oordelen,
ze roddelen alleen maar.'
 
Alphonse en Kat zijn, op een incidenteel akefietje na, een gelukkig stel. Ze hebben de stad geruild voor het West-Vlaamse platteland waar zij thuis als vertaler werkt en hij, de Senegalese migrant, verfklussen opknapt en de kora bespeelt. Alphonse is iemand die goed kan luisteren en graag weloverwogen raad geeft. Zijn motto 'je doet wat je kunt en wat je gelukkig maakt', zorgt voor een makkelijke omgang met zijn medemensen. Hij breekt het ijs tussen buren, brengt een gekwetste naar de spoedeisende hulp, sust schuldgevoelens en helpt een auteur met een writer's block. 'Zijn kleur is de soutane van de geestelijke, het beroepsgeheim van de psychiater', zo benoemt Kat de sociale rol van haar partner. Maar hoe lang kun je gelukkig zijn en slaap je 'als in een broedmachine' zonder 'gruwelijke dromen'? Hoe lang kan Alphonse 'een figurant zijn die een onverwacht decor in rijdt'?

Kora spelen is de grote liefde van Alphonse.
Het West-Afrikaanse instrument produceert sprankelende klanken.
Dertig dagen is een roman over mensen zoals ze zijn, hier en elders, vroeger en nu, met hun vooroordelen en zwakheden maar ook met hun vrijgevigheid en liefde voor elkaar. Terwijl de media doorgaans de nadruk leggen op 'een samenleving in verandering', klinkt op deze bladzijden de gedachte door dat er niets nieuws onder de zon is. Het beeld van het dertienduizend jaar oude onderaardse woud in Zuid-Afrika dat de natuurelementen trotseert, is veelzeggend. Ook het sterven van de tirailleurs sénégalais, de koloniale troepen die de Fransen als kanonnenvoer gebruikten tijdens WO I, vertoont veel gelijkenis met de erbarmelijke omstandigheden van de aangespoelde asielzoekers vlak over de grens in Noord-Frankrijk.

Om het stuntelende individu en de soms wrange werkelijkheid te vertellen, bedient Annelies Verbeke zich van een wat laconieke stijl met een absurdistische toets. Een erg leuke vondst is het hoogbegaafde jongetje dat Maori haka's uitvoert en precies weet wat de kreten betekenen. Als je wilt kun je er ook het idee in vinden dat kinderen niet in grenzen en kleuren denken. Vaak laat de auteur de details het verhaal vertellen. Zo lees je ook het gebrek aan respect voor de gesneuvelde tirailleurs sénégalais in de fout gespelde namen op hun graven.

Een 'tirailleur sénégalais' tijdens WO I
Dit is een boek over werelden die elkaars echo zijn: Noord en Zuid, man en vrouw, heden en verleden, leven en dood, goed en kwaad, fictie en realiteit... Ze worden getoond aan de hand van een camera die plaatjes schiet en dan wegdraait. Het observerende en afstandelijke oog van de lens licht een sluier op maar kruipt niet diep in de personages. Niet willen oordelen, lijkt het uitgangspunt te zijn. Het is een manier van filmen waar je van kunt houden... of niet. Hoe dan ook, het feit dat je geen innerlijke worsteling met keuzes te zien krijgt, zorgt voor een sfeer die je lang niet altijd naar het puntje van je stoel duwt. In het voorlaatste hoofdstuk, na een reis door de mankementen van de beschaving, hoort Alphonse een stem in zijn binnenste zeggen: 'Het is goed zoals het is.' Op dat moment zie je opnieuw het beeld voor je van de soutane en de maatschappelijke struisvogelpolitiek van katholieke priesters.
 
Dertig dagen speelt op een plek aan het einde van de aarde waar cafés samen met hun uitbaters overlijden en waar toch de hele wereld naar toe komt. Deze roman moet het hebben van bespiegelingen over deze en andere tijden en hoe de mens die stuurt en ondergaat. Die reflecties zijn vaak, maar niet altijd, prikkelend. Dit boek is meer een parabel dan een aanvaring met de condition humaine. Alleen aan het slot krijg je een echte confrontatie te zien. Dan begrijp je dat het motto 'je doet wat je kunt en wat je gelukkig maakt' aantrekkelijk klinkt maar moeilijk te handhaven is. Anders gezegd: het leven is niet maakbaar!
 

Quotering: ***½

Uitgegeven bij De Geus - 2015

De boeken van Annelies Verbeke
 

4 mei 2015

Paula Hawkins - Het meisje in de trein

Een spiegelpaleis vol illusies !
 
 
'De gaten in je leven zijn er voor altijd.
Je moet er omheen zien te groeien, zoals boomwortels rond beton.'
 
Reizen met de trein heeft iets magisch. De besloten ruimte, het zachtjes veren van de rijtuigen, het voorbijschuiven van de horizon... kunnen je in een soort roes brengen. Ook Rachel, de hoofdpersoon uit deze misdaadroman, weet dit gevoel van geborgenheid te waarderen. De trein is een veilig cocon in een troebele wereld. Hoewel ze enkele maanden geleden haar baan is kwijtgeraakt, spoort ze elke weekdag naar Londen. Aan de vele gin-tonics die ze, al dan niet stiekem, onderweg achterover drukt, merk je dat ze labiel is. Dat belet haar niet om op een dag iets vreemds te constateren in een tuin aan de andere kant van het raam. Wanneer ze besluit om in dit intrigerende potje te gaan roeren, komt ze in een kluwen van oncontroleerbare gebeurtenissen terecht.

Haar motieven om te communiceren met de politie en met Scott, de eerst betrokkene, zijn niet zo zuiver. Rachel wil zich nuttig voelen en aandacht krijgen. Bovendien heeft ze door het overmatige drankgebruik last van black-outs. Dat maakt van haar een onbetrouwbare getuige. Zal haar korte termijngeheugen op tijd herstellen om klaarheid te brengen? En wat levert het mogelijke optrekken van de mist dan op? Dat zijn de vragen waarop de intrige drijft.

Elke werkdag neemt Rachel de trein naar het station van Euston.
© mattbuck
In Het meisje in de trein staat geen enkel belangrijk karakter - in de letterlijke zin - stevig op zijn benen. Naast Rachel, die haar kinderwens in rook zag opgaan en deze teleurstelling geen plaats kan geven, is er Megan, die teveel dood op haar pad zag komen om een evenwichtig mens te kunnen zijn. En wie nog vaste grond onder de voeten lijkt te hebben aan het begin van het verhaal, speelt zijn houvast gaandeweg kwijt. Eén van de onderliggende boodschappen van dit boek is dat er in het leven geen zekerheden zijn. 

De hoofdrolspelers hunkeren naar emotionele veiligheid, vechten tegen hun eenzaamheid, buigen onder de druk van de tegenslagen, hopen en wanhopen. Ze zijn op zoek naar stabiliteit of proberen krampachtig de vastigheid in hun bestaan te behouden. Ze doen dat onhandig, bereiken vaak het tegenovergestelde. Soms wil dat zeggen dat ze zich vastklampen aan een illusie. Ook Rachel vlucht in een droomwereld. Ze fantaseert de levens van anderen bij elkaar en projecteert er haar eigen verlangens op. En als Megan zegt 'Ik verlies nooit' dat kijkt ze door een erg rose bril.


Vanuit de trein kijkt Rachel naar het landelijke Witney
waar ze bijzondere herinneringen aan heeft.
© Darill Gotliman
Paula Hawkins houdt de lezer gevangen in een ingenieus web van actie en reactie. Bovendien creëert ze een wereld van schijn en werkelijkheid die vol verrassingen zit. In dit boek regeert de leugen. En de maskers van sommigen trekken een spoor van vernieling. Daarnaast werkt ze met spiegeleffecten: op een erg geslaagde manier laat ze personages en zelfs huizen in elkaar reflecteren. Ook haar taal en stijlbeelden mogen er zijn. 'Hij ziet er hologig uit alsof iemand hem van binnen heeft leeggeschraapt...', is een voorbeeld van haar vindingrijkheid. Net als bij de cadans van de trein, loopt er van het begin tot het einde, een licht verslavend ritme door haar woorden.

In principe gaat de plotgedrevenheid van een boek ten koste van andere kwaliteiten. Hollen en stilstaan kun je nu eenmaal niet tegelijkertijd. Toch toont Paula Hawkins aan dat deze waarheid niet altijd geldt. Plots die een rechtstreeks gevolg zijn van de geest van de personages kunnen én snelheid én verdieping brengen. Als je daarbij je karakters een prettige complexiteit kunt geven, schrijf je een degelijk boek. De betere auteur is staat om wetten te breken!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Bruna - 2015

De boeken van Paula Hawkins


27 april 2015

Marieke Groen - De andere familie Klein

Niet iedereen slaagt voor het ouderschapsexamen!

 
'Ze houdt niet van nieuwe verhalen,
die kunnen nog alle kanten uitgaan.'
 
Heel wat mensen zouden de klok van het leven graag wat trager willen zien tikken maar voor Amber, het jonge meisje uit De andere familie Klein, gaan de uren veel te traag. 'Tijd die verdwijnt als een konijn, dat is haar lievelingstijd', laat de schrijfster haar hoofdpersonage zeggen wanneer de tiener lang heeft staan turen naar de velden waarin konijnen verschijnen en weer verdwijnen. Vluchten is iets dat ze graag doet, zich verliezen in droombeelden over aanmonsteren op de grote vaart of een man ontmoeten die voor haar valt. De kans op een droomprins is klein want Amber is een meisje dat altijd overblijft. Of het gaat om een maatje, een broertje of ouders, alleen de kruimels van het bestaan lijken in haar schoot te vallen. 

Thuis heerst een kille treurigheid met een moeder die altijd vit en nooit zoent. Ook de grof gebekte, cynische vader is niet geschikt voor de rol die hij aanvaard heeft. De onderlinge communicatie loopt via huisregels die gerespecteerd of overtreden kunnen worden. Er hangt een sfeer van ingehouden adem en op eieren lopen, van geluidloos en hoorbaar gestraft worden. 'Ze doet een spelletje met zichzelf waarbij ze het zo lang mogelijk moet volhouden om de woorden 'papa' en 'mama' niet te zeggen'. Amber is een meid die altijd vecht tegen tranen en zichzelf, bij gebrek aan liefde, weerzinwekkend vindt.

Javaans beeldje
© Tropenmuseum
Toch is er ook een eiland van geborgenheid. Dat wordt bewoond door haar grootouders die laten zien dat liefhebben er erg gewoon kan uitzien: een vriendelijke gesprekstoon, de eeuwige puzzelboekjes van oma, opa die je meeneemt naar Schiphol, souvenirs van lang geleden - een oude scheepsklok, Javaanse kunst - die houvast geven... In de omgekeerde richting is liefde 'oma's wenkbrauwpotlood slijpen'. Maar niets is voor altijd. Als opa sterft wordt het familieplaatje herschikt. Dat betekent ook dat Amber, voor even, mag dromen van een ontsnappingsroute.

De andere familie Klein is een luchtig boek vol tragiek, een laconiek verhaal vol sluipende, psychische terreur. Een andere toonzetting is voor dit thema haast niet te bedenken. Marieke Groen heeft heel goed begrepen waar de grens ligt tussen aangrijpend en huilerig of pathetisch. Het is een kunst om beproefde invalshoeken, zoals eenzaamheid en je staande houden in een onrechtvaardige wereld, een fris jasje te geven. In deze opzet is de schrijfster beslist geslaagd. Net als je gelooft dat de ellende met humor te bezweren is, legt de auteur een strop om je keel. 

Bovendien kan ze voortreffelijk inzoomen op kleine scènes die een groter verhaal vertellen. Daarnaast zijn haar karakters gelaagd. De ouders hebben hun betere momenten. 'De moeder zegt wel eens wat een andere moeder zou kunnen zeggen.' En op schaarse ogenblikken laat de vader zijn treiterigheid varen en toont hij iets dat je bezorgdheid zou kunnen noemen. Zelfs de warme opa Klein heeft een euh... klein kantje. Ook Amber, het kind van wie de eigen ruimte niet gerespecteerd wordt, komt uitstekend uit de verf. Benieuwd of Marieke Groen een personage ook een voldragen innerlijke ontwikkeling kan meegeven. Dat is een nog iets grotere uitdaging. Toch is De andere familie Klein een betekenisvolle stap in haar schrijverschap!


Quotering: ***½

Uitgegeven bij Thomas Rap - 2015

De boeken van Marieke Groen
 

23 april 2015

P.F.Thomése - De onderwaterzwemmer

Angst voor de oppervlakte 
 
 
'Iets wat ontbreekt kun je niet denken,
je kunt er alleen iets omheen bedenken.'

Precies willen verwoorden wat je wil vertellen, is voor een auteur een terugkerend gevecht. Het is een strijdbijl die hij moet hanteren en tegelijkertijd uit het zicht van de lezer moet houden. Alleen als je afstand neemt van De onderwaterzwemmer, zie je het werktuig liggen, ergens onder de slurf van een draaikolk. Maar voor het zover is voert P.F.Thomése je de nacht in, de nacht boven een verraderlijke rivier, de nacht in een kinderziel, de nacht van een dolende volwassene, de Afrikaanse sterrennacht.

Als een Nederlandse verzetsman en zijn zoon op geheime missie naar de overkant van de stroom zwemmen, slaat het noodlot toe. Alleen de jongen bereikt de andere oever. Terwijl hij ronddoolt in een onbekend dorp, maken paniek en ongeloof zich van hem meester. 'Hij wil niet dat de nacht verdwijnt, niet met zijn vader erin.' De jonge Martin raakt compleet het noorden kwijt en wordt verteerd door schuldgevoelens. In dit eerste deel van De onderwaterzwemmer klinkt Thoméses stem zo krachtig als die van een karakteracteur in een theatermonoloog (Lees eens een passage hardop!). Preciezer verwoorden wat je wil vertellen is niet mogelijk...

Dorpsvrouwen in Burkina Fasso
Dertig jaar later gaat Martin met zijn vrouw naar West-Afrika. Ze willen een plattelandskind bezoeken dat door de school van Victorine financieel geadopteerd is. Hiermee plaatst Thomése zijn hoofdfiguur in een onbekende, chaotische context, een omgeving die hem nog angstiger maakt dan hij al is. De psychisch beschadigde man is bang om los te laten en bang voor open einders. Hij is een verkrampte, apathische fatalist. 'Hij weet niet hoe hij moet terugkeren in de bewoonde wereld'. Victorine houdt hem vast, zoals een vader een kind vasthoudt. Omdat het gat in zijn hart voor gespletenheid heeft gezorgd voelt Martin warmte voor wie dichtbij is en wantrouwt hij de anderen. Als de reis een onverwachte wending neemt, heeft hij een beklemmende déjà vu. Maar hoe maakbaar is het leven?

De hand van de auteur veroorzaakt een flinke tegenstroom: telkens als je een bladzijde wil omkeren houdt een onzichtbare kracht je vinger tegen. Een nieuwe pagina wil zeggen dat woorden, die je niet wil loslaten, verdwijnen. Al gauw begin je op Martin te lijken, 'verdwijnen' en 'loslaten' zijn begrippen die je onrustig maken. Zinnen als 'Het verleden is geen land van gevonden voorwerpen, het is een verhaal dat je niet meer rond krijgt,' wil je niet laten gaan.

Cuba vormt het sluitstuk van deze roman.
© Narezz
Net zoals de onderwaterzwemmers aan het begin van de vertelling met een flinke teug lucht in de longen de rivier induiken, zo lijkt dit boek in één ademtocht geschreven te zijn. Alleen grote auteurs kunnen je die illusie geven. Voor beginnende schrijvers met ambitie kan dit vakmanschap erg ontmoedigend werken. Scriptoren zoeken naar het juiste beeld, het nauwkeurigste woord, de perfecte gedachte. Velen komen een heel eind, sommigen raken de wolken aan... en daarboven heb je P.F.Thomése. In De onderwaterzwemmer vindt hij een geslaagde balans tussen taalesthetiek, zintuiglijkheid, en beschouwing. Het is een spiegelverhaal over machteloze boosheid, bedenken maar niet geloven, ongestorven doden en 'één seconde die niks is maar alles wordt'. Met deze roman nestelt het thema van de verdwenen mens en de stuurloze achterblijver zich nog dieper in zijn oeuvre.

Toch is een boek ook net iets meer dan een verleidende binnenkant. In een tijd van kille schermcultuur mag de vormgeving van deze nieuwe Thomése met een pluim gaan lopen! De hardcover, het stemmige groen van de stoffen rug en het aangeslagen gelaat omringd door zilvervisjes kijken je nog lang na. Voor de lezer is loslaten echt geen optie! 
 
 
Quotering: *****
 
Uitgegeven door Atlas Contact - 2015
 
 

19 april 2015

Hanneloes Pen - Een gegeven leven

Niet klagen maar dragen ! 
 
 
'7.5 gulden (premie) voor elke aangegeven jood.'

Bereid zijn je eigen leven te geven om dat van een ander te kunnen redden, is een bijna niet te vatten idee. Toch zijn er heel wat voorbeelden van mensen die dit offer met grote vanzelfsprekendheid brengen. Dat kan een arts in de frontlinie van een hedendaags conflict zijn of een verzetsvrouw tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Een gegeven leven vertelt het verhaal van Geertje Pel-Groot, een boerenkind uit de Zaanstreek dat in 1916 met fabrikantenzoon Wijbrand Pel trouwt en een comfortabel bestaan opbouwt. Beiden hebben een doopsgezinde achtergrond waarin ethiek en zelfstandig denken centraal staan. 'Heb je naaste lief zoals jezelf', heeft de kerk hen geleerd. Als de Duitse bezetting van Nederland een feit is, staat bij de Pels tussen woord en daad geen zweem van twijfel. Ouders en kinderen engageren zich in illegale activiteiten, zoals het wegsluizen van kandidaat-onderduikers.

Het kleurrijke centrum van hedendaags Zaandam
© Microtoerisme
Als de dochter en schoonzoon van Geertjes vriendin Rebecca naar het buitenland willen vluchten, moet er een gastgezin gevonden worden voor baby Marion. Omdat de familie Pel altijd bereid is om huis en hart open te zetten voor onfortuinlijken, heeft het joodse meisje meteen een onderkomen. Maar geluk raakt soms op. Politieagent, NSB-er en jodenjager, Hendrik van der Kraan, spiedt graag de buurt af en laat zijn oog vallen op Mappie, zoals het kind met het zwarte haar genoemd wordt. Geertje, die in de vooroorlogse crisisjaren gewend was om op de markt over de prijs van een zeemleren lap te onderhandelen, denkt dat ze het wel op een akkoordje kan gooien met de Gestapo. Dat lukt haar voor even maar uiteindelijk komt ze voor een drastische keuze te staan. Die zorgt ervoor dat ook voor haar de treinen gaan rijden...

Naast het uitwerken van de hoofdlijn, besteedt Hanneloes Pen terecht aandacht aan de emotionele schade die Marion oploopt door van onderduikadres naar onderduikadres te gaan en op driejarige leeftijd haar biologische ouders in de ogen te moeten kijken zonder hen te herkennen. De hechtingsjaren van het kind zien er chaotisch uit. Oorlog is meer dan verraad, deportatie en dood. Het is ook verder leven met psychisch puin en de opdracht om eeuwig dankbaar te zijn.  

Overlevenden van kamp Ravensbrück (april'45)
©  Rode Kruis
In Een gegeven leven wordt duidelijk gemaakt dat er in extreme situaties mensen zijn die verdienen en anderen die verliezen. Het woord 'geven' in de titel heeft ook een héél andere kant. Onder de oorlogsverdieners had je lui zoals Hendrik van der Kraan, die premies opstreek voor elke verklikte jood en graaide in de inboedel van op transport gestelde stadsgenoten. Verdieners waren ook kampbewakers die promoveerden op hun wreedheid en kampoversten die een villa met uitzicht cadeau kregen. Bij de verliezers waren zij die opstonden tegen de verdierlijking van de mens en wie het aan mazzel ontbrak. Hanneloes Pen heeft goed begrepen dat zowel bij deze grootse als bij de groteske daden een ingehouden vertelstem hoort.

Hoewel dit een individueel verhaal van uitzonderlijke moed en altruïsme is, past het in een lange rij van verzetsdaden waarvan de meeste anoniem zijn. Door de spots te richten op de donkere krullenkop van Mappie en de sadistische kapo's in de concentratiekampen, wordt iedereen die in de oorlogsjaren zijn nek uitstak, uit het duister gelicht. Deze dwarsliggers namen het woord gotspe over van hun jiddische medeburgers!

Een gegeven leven is bovendien, na Jacoba van Tongeren, het tweede boek over een verzetsvrouw dat in korte tijd verschenen is. Daarmee wordt recht gedaan aan de heldenstatus van deze vrouwelijke kanjers!


Quotering: ****

Uitgegeven bij Atlas Contact - 2015

De boeken van Hanneloes Pen
 

17 april 2015

Raphael Montes - Perfecte dagen

Een spel van rat en muis !
 
 
'Ze had hem een nieuwe plaats gegeven in de wereld.'
 
Een gestoorde man die een meisje ontvoert en haar wil dwingen om van hem te houden... Is dat niet zo'n verhaal over misbruik en ander geweld dat eindigt met de bevrijding van het slachtoffer en de inrekening van de dader? Bij een middelmatige misdaadauteur zou dat het scenario zijn. Niet bij Raphael Montes, de Braziliaan die met Perfecte dagen een macaber sprookje heeft afgeleverd.

Zijn hoofdpersonage, Leo, is een student geneeskunde met een fascinatie voor de anatomische les. Omdat hij gelooft in de maakbaarheid van relaties, zet hij zijn zinnen op Clarice, een jonge vrouw van anderhalve meter. Dat laatste is geen toeval. Als je kennis maakt met zijn dominante moeder, krijg je een sterk vermoeden dat Leo een angst voor vrouwen heeft ontwikkeld. Wanneer Clarice in een afgelegen hotel aan haar filmscript wil gaan werken, krijgt de obsessie voor haar concrete vormen. Net als het draaiboek dat ze bedenkt, ontrolt het plot van Perfecte dagen zich als roadmovie. En in beide spelen dood en illusie een hoofdrol.  
 
Het tropische eiland Ilha Grande waar Leo en Clarice terechtkomen.
© rvcroffi
Als je de term 'misdaadliteratuur' op een boek wil kleven, dan moet het romangehalte hoog zijn. En omdat romans gedragen worden door hun karakters, moeten de personages niet alleen uitgediept zijn maar je ook de indruk geven dat je ze nog nooit ontmoet hebt. Wat gelaagdheid en oorspronkelijkheid betreft, is Raphael Montes helemaal op de afspraak. De gestoorde controlefreak Leo is in al zijn facetten aanwezig. Hij is de gewetenloze, gevoelsdode, excuusman, die niet in staat is zichzelf ter verantwoording te roepen. Tegelijkertijd ziet hij een moreel hoogstaand mens als hij in de spiegel kijkt. Vanuit zijn emotionele armoede denkt hij dat je zonder liefde of verdriet naar een dode kunt kijken die je, bij leven, van heel nabij gekend hebt. Leo's verwrongen gedachtenwereld en manipulatief narcisme zijn met veel precisie in beeld gebracht. 

Perfecte dagen is een uitgebalanceerd boek, een slingerbeweging tussen hard en zacht, gewelddadig en zorgend, het doordeweekse stel en het veroordeeld zijn tot elkaar, de stilte voor de storm en de komst van een tropische depressie. Die opbouw zorgt er ook voor dat de spanningsboog - een ander belangrijk romancriterium - nergens verslapt. Bovendien houdt de wat onderkoelde toon van de verteller de heftigheid van de gebeurtenissen en de inktzwarte ziel van Leo net voldoende in toom. Daarnaast dragen allerlei originele vondsten, tot en met de ontknoping van het verhaal, bij aan een erg verfrissende leeservaring!

Rio de Janeiro, de thuisbasis van Raphael Montes 
© Ramon Llorensi
Omdat de literaire wereld één groot leesdorp geworden is, vraag je je af of er nog iets typisch Braziliaans te ontdekken is in dit boek. Naast kerkbezoeken, klassenjustitie en -gezondheidszorg, vallen de vergaande bemoeienissen van de moeders op. Er is ook de theatraliteit in gebaren, taal en emoties. En op muzikaal vlak is er Leo's belangstelling voor landgenoot en internationale ster Caetano Veloso, de multicultureel geïnspireerde zanger-componist. Het is geruststellend om te ervaren dat de 'verStarbucksing' van boekenland zich nog niet voltrokken heeft!

In deze thriller ontbindt de auteur zijn duivels op een gedoseerde en intelligente manier. Hersenspinsels, rookgordijnen en de perceptie ervan door de nevenpersonages, tillen Perfecte dagen naar een hoog niveau. De flair waarmee Leo zijn menselijke omgeving een rad voor de ogen draait, is een meesterlijke zet. Daarnaast wordt de voorvoelde teloorgang overtuigend en verrassend uitgewerkt. Raphael Montes toont aan dat plotgedrevenheid niet noodzakelijk ten koste van karakterinhoud moet gaan. Om al deze redenen is het woord 'perfect' op de cover allesbehalve misleidend. Je zou ook kunnen zeggen dat deze Braziliaan zijn lezers inpakt met een ode aan de verbeelding!


Quotering: *****

Uitgegeven bij Cargo - 2015

De boeken van Raphael Montes
 

8 april 2015

Barry Smit - Tahrir

 Barsten in het front !
 

'Meningen leiden tot idealen en idealen leiden tot puinhopen.'
 
Slechts korte tijd dekte de naam Arabische Lente de lading. Autoritaire regimes vielen van hun voetstuk, vrijheidstrijders wisten wat ze niet meer wilden en begrepen min of meer wat er in de plaats moest komen. Dankzij hun enthousiasme en met de ondersteuning van het Westen zou die nieuwe maatschappij wel van de grond komen. Dat was de teneur... Intussen weet iedereen waartoe het omkeren van deze bladzijden geleid heeft.

In zijn roman Tahrir stuurt Barry Smit zijn hoofdkarakter door de revolutionaire gebeurtenissen heen. 'Amsterdam is een toestand' zegt de ik-persoon wat verveeld. Als de kans zich voordoet vertrekt hij zonder aarzelen naar het gistende Caïro om campagnetrainingen te geven. Het Nederlandse team vult de opdracht op een politiek correcte manier in: er worden technieken aangeleerd zonder inhoudelijke bemoeienis en alle clubs - van liberalen tot moslimbroeders - worden uitgenodigd. De cursisten leren kritisch naar hun organisatie kijken, een toespraak schrijven, debatteren... Als de lesgever zich aangetrokken voelt tot de vrijgevochten Maryam, slaat de twijfel over zijn relatie met de Nederlandse Tessa toe. Maar hoeveel bewegingsruimte geeft een ultraconservatieve, laaggeletterde samenleving aan eigenzinnige individuen? Zowel voor de doorsnee actievoerder als voor het verliefde stel wordt het persoonlijke al gauw politiek en het politieke persoonlijk. Zo klinkt overal ter wereld de taal van de revolutie. En na de dromen komen de onafwendbare keuzes...

Demonstratie op Tahrir
© Zeinab Mohammed
Naast de sfeertekening van een miljoenenstad ('...je kon de smog bijna met je handen uit de lucht scheppen.') met hoestende taxi's, Indische vijgenbomen, discobootjes op de Nijl en zedenmeesters voor appartementencomplexen, zet Barry Smit een heldere achtergrond neer. Hij noemt man en paard: de haatbaarden die terroristen als martelaars vereren, de intimidatietechnieken en moordpartijen van het leger, de enge keuze tussen seculier en religieus fascisme, de gehersenspoelde burgers die in iedere buitenlander een spion of zionistische infiltrant zien, de paranoia en de verdeel- en heerspolitiek.

Hoewel achtergrondstoffering een roman voedt, is de context zelf geen dragende factor. Daar heb je de geest van de personages voor. En op dat vlak wringt het schoentje. Hoewel de ik-persoon midden in een aardbevingsgebied geplaatst wordt, zie je een man met weinig introspectie en vooral een armoedige gevoelswereld. Dat de auteur veel moeite heeft met het neerzetten van karakters merk je ook aan beide vrouwen die het aan identiteit ontbreekt. Het is bijgevolg onduidelijk waarom de centrale figuur twijfelt tussen de ene en de andere vriendin. De socio-politieke situatie lijkt de enige scherprechter te zijn.

Eén van de vele slogans op Tahrir
© Ramy Raoof
Net als bij veel journalisten die fictie gaan schrijven, stel je vast dat deze vroegere voorlichter van het Binnenhof te uitleggerig en te beschrijvend is. Je loopt als het ware mee met een registrerende camera. Bovendien weet hij de spanningsboog niet vast te houden. In plaats van het touw strak te trekken, maakt hij, halfweg en in het tweede deel van het verhaal, uitstapjes naar de piramides van Gizeh en het archeologisch museum in Caïro... bezoeken die niets toevoegen aan het dilemma van de hoofdpersoon. Ook de passages die zich in Nederland afspelen, brengen - behalve het vooruitzicht op een parlementaire carrière - geen noodzakelijke elementen aan.

Tahrir is, in weerwil van het onderwerp, een klinisch boek waarin de ziel van de verteller niet in beweging komt. Die laatste neemt waar en rationaliseert. Dat kun je moeilijk innerlijke beleving en ontwikkeling noemen. En vlakke karakters zijn dodelijk voor een roman! Jammer dat de intelligente en taalvaardige tekstschrijver deze fictiekans niet heeft kunnen grijpen.


Quotering: **½

Uitgegeven bij Atlas Contact - 2015

De boeken van Barry Smit
 

5 april 2015

Kim Moelands - De vrouw in de spiegel

 Liever een wortel dan vla !
 
 
'Het verschil maken, die druppel op die gloeiende plaat zijn,
dat is wat ze wil.'
 
De kunst van het thrillerschrijven is het oproepen van mysteries en die aan de hand van boeiende karakters naar een originele ontknoping sturen. In De vrouw in de spiegel trekt Kim Moelands keurig haar rookgordijnen op: de man met de hond die geen dierenliefhebber is, een geheimzinnig huis, een Hannibal Lecter-adept die kickt op een machtspelletje met de boevenvangster, het verleden van rechercheur Tess... Om één van de personages ligt zelfs een sluier die je niet als dusdanig herkent. Een misdaadauteur neemt nu eenmaal graag een loopje met de lezer. En die laatste heeft niets liever!

In haar derde thriller gaat de schrijfster vol voor haar personages, hun typische trekjes maar vooral hun diepere identiteit. Zo is er Elisabeth, een vrouw met een pijnlijk verleden die steeds meer de controle over haar leven verliest. Ze is de ex van Jaap, een botte, egocentrische kerel die zijn bestuursfunctie bij het voedingsbedrijf Latté is kwijtgespeeld. Daarnaast is er nog Antoine, de aalmoezenier die in zijn zoektocht naar puurheid vooral duisternis vindt en zich van god verlaten voelt. Ook van politievrouw Tess krijg je allerlei gezichten te zien.

Wanneer vergiftigde toetjes van Latté slachtoffers maken, gaan de alarmbellen rinkelen bij de rechercheploeg. Vooral Tess, bij wie 'het gevoel smeekt om voorrang boven het verstand', gooit alles wat ze heeft in de strijd. De aanwijzingen die het onderzoek oplevert, wijzen allemaal in de richting van Jaap. Toch weet je als geoefende lezer dat er nog wel iets uit de mouw van de illusionist(e) komt. Aan het eind wacht een zeer originele climax die je doet beseffen dat de auteur je heel subliem om de tuin heeft geleid! Deze vondst werpt bovendien een interessant licht op de taak die de rechter te wachten staat!

Met heerlijke toetjes kan er iets engs gebeuren...
© Allrecipes_Ali 
Omdat hij economische belangen laat primeren op maatschappelijke, blinkt Boon, de bedrijfsleider van de zuivelfabriek, uit in verbloemende taal en doofpotacties. Het siert de auteur dat ze een kritische vinger aan de pols van de samenleving houdt. Dat doet ze ook als het over de vereenzaming van ouderen gaat. 'De sociale zekerheid verandert steeds meer in een asociale onzekerheid die niet uit te leggen valt', zo klinkt het.
Kim Moelands heeft het ambacht geleerd door het schrijven van haar autobiografische non-fictieboeken. Als je overstapt op fictie zoek je naar een complexere structuur, nog meer verbeelding, diepgang en taalgevoel. Op dit pad heeft ze flinke stappen gezet. Je voelt dat het creatieve proces van De vrouw in de spiegel haar helemaal in bezit heeft genomen. En wedden dat, voor het baasje van Balou, de hoofdstukken over de basset hound de meest pijnlijke waren om te beleven? Bovendien hoop je dat Kim de vraag 'Waarom hebben ziekenhuizen toch altijd te weinig parkeerplekken?' nooit meer hoeft te stellen. Niet alleen romanpersonages horen echo's uit het verleden...

Dat ze stijlvaster is geworden blijkt, onder meer, uit rake beschouwingen:
'Het gros van de menselijke handelingen vloeit immers voort uit ervaringen uit het verleden die met stok zijn gestraft of met wortel zijn beloond. Uiteindelijk wil iedereen zoveel mogelijk wortels verzamelen.'
'Het geluid van een celdeur is schraal wisselgeld voor het leven van een mens, maar het is in elk geval iets wat raakt aan genoegdoening.'
Tot de allerbeste passages horen trouwens de opgevoerde demonen (de hand die geen hand is!) van Elisabeth en de vertwijfeling van de priester. Er is niets mis met stilstaan in een thrillerverhaal!

Toch was het, stilistisch gezien, op de eerste bladzijden een beetje bang toekijken toen teveel, té korte zinnen elkaar opvolgden. Maar al gauw geraakte de schrijfster in de flow van de gebeurtenissen, een onderwatertechniek die ze niet meer losliet.

Basset hound: lange oren, korte poten
 © Petruss
De vrouw in de spiegel heeft een listig plot, loopt over van gevatte taal en flitsende dialogen, brengt vaart maar ook stilte waar het past. De verhoren op het politiebureau worden scherp en intelligent gevoerd. De replieken van boef Charlie - alias Hannibal Lecter uit The Silence of the Lambs - zijn heerlijk treiterig. Dit karakter gaat bovendien net als Tess mee naar een vervolgboek. Stof en open vragen genoeg... En waarom de geestelijke en zijn worsteling met god en het biechtgeheim geen uitgebreidere rol geven??

Om al deze redenen geldt het Tess-citaat boven dit stukje ook voor Kim Moelands. En zowel over de politievrouw als over Kim mag je zeggen dat het om een flinke plens op de gloeiende plaat gaat! Anders gezegd: een vezel- en vitaminerijke wortel voor allebei!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Bruna - 2015

De boeken van Kim Moelands
 

30 maart 2015

Jannetje Koelewijn - Heilbrons hel

Ook standbeelden kunnen van hun sokkel vallen ! 
 
 
'Oordelen, oordelen, oordelen.'
 
Achterklap heeft altijd bestaan. Maar de beschadiging die mensen door zwartmakerij kunnen oplopen is in tijden van snelle internetverbindingen en harde mediaconcurrentie gigantisch toegenomen. Mits een doordachte strategie kun je iemands reputatie een deuk bezorgen en misschien wel een onherstelbare klap toedienen.
 
In Heilbrons hel heeft Jannetje Koelewijn werelden bij elkaar gebracht die voor vuurwerk kunnen zorgen: naast het bedrijfs- en financiële milieu zijn er juridische, overheids- en journalistieke kringen. Werelden waar het nieuws gemaakt en verspreid wordt. Om deze draaimolen op gang te brengen bedient de auteur zich van karakteristieke personages. Zo is er de spilfiguur, Cor Heilbron, een topindustrieel met een beursgenoteerd bedrijf. Omdat hij vindt dat hij zich wat meer mag profileren, nodigt hij een journaliste van de geschreven pers uit. Met de ambitieuze Françoise neemt hij zijn leven door en schroomt daarbij niet zijn doodzieke vrouw ten voordele van zijn imago te gebruiken. Een lintje van de burgemeester kun je nu eenmaal niet met geld kopen. Zijn tegenspeler is Etienne Godfroij, de bestuursvoorzitter van de Toezichthouder Financiële Markten (TFM), het overheidsorgaan dat de aandelenhandel scherp in het oog moet houden. Als zijn medewerkers een verontrustende ontdekking doen, richt Godfroij zijn vizier op Cor Heilbron.

Tussen de drie egotrippende hoofdpersonages laveert openbaar aanklager, Lucas Pauw, een man die in de wolken lijkt te leven maar zich, als het om beroepsethiek gaat, door zijn ratio en morele meetlat laat sturen.

De Londense beurs: geen roepers meer maar computers...
© David Levene
Deze roman wordt gedragen door netjes in elkaar schuivende structuurelementen en de kleur van de karakters. Heilbron en Godfroij zijn zowel aaibaar als afstotelijk, innemend als dominant, gastvrij als egocentrisch, leermeesters als verwerpelijke rolmodellen. Het verschil tussen beide protagonisten zit in hun culturele bagage. Terwijl Heilbron schilderijen ziet als investering, kan Godfroij lyrisch worden over boeken. En net dat verschil in persoonlijkheid leidt tot hun conflict. Het grote geld ligt zelden op de weg van de gecultiveerden en sommigen worden daar jaloers van. 

Wat het neerzetten van mensen betreft, kan Jannetje Koelewijn masterclasses geven! Als je beide alfa-mannetjes op straat zou tegenkomen, zou je ze herkennen. De kans is groot dat je dan zou gniffelen bij de herinnering aan de vileine boodschappen die in hun beschaafde dialogen verstopt zitten. Bovendien laat de schrijfster hun blinde geloof in de eigen onkwetsbaarheid op een suggestieve manier contrasteren met hun lichamelijke kwalen. 

Heilbrons hel is een schitterende close-up van het menselijk tekort. IJdelheid en geldgewin drijven individuen over de grenzen van het betamelijke. De naming-and-shaming-methode die de bestuursvoorzitter van 'de beurswaakhond' hanteert, past bij een gewetenloos denkpatroon. Geen afdoend bewijs hebben, wil niet zeggen dat de geviseerde er zonder kleerscheuren af komt. En terwijl de aanstoker buiten schot blijft, trekken professionele nieuwsjagers en ordinaire kletsmajoors de schandpaal wel op.

ITO-bedrijfstoren op de Zuidas,
het Amsterdamse zakendistrict waaraan 'Heilbrons hel' refereert.
© Kenneth Verburg
Om dit levensechte en tegelijkertijd groteske verhaal geloofwaardig en genietbaar te houden, heeft de auteur gekozen voor een laconieke vertelstem. Mede door het tekenen van de fysieke ongemakken krijgt het geheel een vermakelijke maar ook misleidende slapstick-toon. Langzaam maar zeker verandert de geamuseerde lezersblik in een pijnlijke. Ook het opvoeren van de immer buigende butler Dirk past in dit tragikomische plaatje'. Hij roept bovendien het archetype van de huisbediende op: James Stevens uit Ishiguro's The remains of the day. Of dit een bewuste knipoog is naar Koelewijns collega-auteur bij uitgeverij Atlas Contact of een toevalligheid, is niet duidelijk.

In dit knuffelboek met allure komt hoogmoed voor de val en gaat succes eenzaamheid vooraf. Jannetje Koelewijn woont in haar pen en de lezer in haar boeken!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Atlas Contact - 2014

De boeken van Jannetje Koelewijn
 

23 maart 2015

Liselotte Roll - Bittere zonde

Teveel vuile handen !
 
 
'Als ze had geweten wat er met hem in Argentinië was gebeurd,
dan hadden ze niet onbekommerd kunnen samenleven.'

Net als Tove Alsterdal met Geef me je hand, heeft ook Liselotte Roll een misdaadboek afgeleverd dat zijn inspiratie vond in de gruwelpraktijken van de Argentijnse junta eind jaren '70. In Bittere zonde laat Roll een slachtoffer en een medeplichtige van het generaalsregime verder leven in Zweden. De ene is op de vlucht voor zijn nachtmerries, de andere voor gerechtelijke vervolgingen. Wanneer Carlos Fernandez in een Zweedse winkel zijn beul herkent, is het tijd om oude rekeningen te vereffenen.

Als inspecteur Magnus Kalo in die periode de dader van de doodgemartelde Erik Berggren zoekt, wijst het spoor naar een verkrachtingszaak die plaatsvond tijdens diezelfde Argentijnse dictatuur. Dankzij de samenwerking met de politie van Buenos Aires duikt er een verdachte op. Maar heeft deze Pedro Estrabou er belang bij om het gezin van Magnus te terroriseren? Hij is niet de enige met vuile handen in dit plot.

Martelkamers in Santa Fe tijdens de Videla-dictatuur
© Pablo D. Flores
Waar Tove Alsterdal haar intrige volstouwt met achtergrondinformatie, uitleggerigheid, diverse hoofdpersonen en -lijnen om nog maar te zwijgen van de zijpaden en nevenkarakters (en dus geen tijd heeft om alles uit te werken), valt het verhaal van Bittere zonde te dun uit. Als je, zoals Liselotte Roll, een tijdje bij een Argentijnse familie gelogeerd hebt en er geconfronteerd werd met de gevolgen van de staatsterreur, dan mag je als lezer meer verwachten dan wat oppervlakkige informatie over akelige dromen en slachtoffers die verdoofd maar levend uit vliegtuigen in zee werden geworpen. Wie iets, hoe weinig ook, weet over de praktijken van de junta, heeft het beeld van die vallende mensen op het netvlies. Veel verder dan dit reikt ook de achtergrondstoffering niet. Die kun je dus alleen maar pover noemen.

Met de stijl van deze auteur is het niet veel beter gesteld. Terwijl je sommige van haar collega's zou willen smeken om af en toe een metafoor te gebruiken, past zij deze techniek wel toe. Maar... het is een verraderlijke als je hem niet beheerst. Dan creëer je ongeloofwaardige beelden zoals 'de lavastroom van zijn woede'. Als een middelbare scholier deze uitschuiver maakt, haalt zijn leraar de rode pen boven. Nog teleurstellender is het simplisme waarmee ze schrijft. Observaties, beschouwingen, dialogen... ze lijden allemaal aan een te grote eenvoud:
'Hij klemde zijn kaken op elkaar en keek nijdig door het raam van het ziekenhuis.'
'Ineens leken koude handen haar bij de strot te grijpen en kreeg ze bijna geen adem meer.'
(over de eerste sneeuwbuien) 'Die bezorgden haar een geluksgevoel: er was iets nieuws op komst.'
Dit neigt naar kinderlijkheid.


Plaza de Mayo in Buenos Aires,
waar de moeders van de vermoorde slachtoffers jarenlang betoogden.
© seretide
Wie de intrige samenvat, komt bijna zeker tot de conclusie dat het een goed bedacht verhaal is. Maar 'bedacht' is nog niet 'opgeschreven'. Bittere zonde is een kabbelende vertelling, een soort oppervlaktewater zonder verraderlijke onderstroom. Liselotte Roll slaagt er niet in om leven te blazen in haar woorden. Daardoor blijven de personages kleurloos, de situaties weinig prikkelend en de ideeën saai. Bovendien weet je soms meer dan de speurders en ook dat is een verspeelde kans.  

Dit debuut is vooral té gewoon om onderhoudend te zijn. Om de misdaadlezer van nu te verleiden zul je je kop echt boven het maaiveld moeten uitsteken! Of Liselotte Roll dat kan, is hoogst twijfelachtig!

Quotering: **½

Uitgegeven bij De Geus - 2015

De boeken van Liselotte Roll