8 april 2016

Abdelkader Benali - Brief aan mijn dochter

 Een kind met meer dan één naam ! 
 

'We gaan er alles aan doen om je de juiste middelen mee te geven,
zodat je de wereld naar eigen goedvinden kan parkeren waar je wilt.'
 
Terwijl moeders op een vanzelfsprekende manier een band opbouwen met hun ongeboren kind, kijken vaders wat verweesd vanaf de zijlijn toe. Maar als de mannelijke ouder een begenadigd denker en schrijver is, kan hij zijn op komst zijnde zoon of dochter toespreken alsof de baarmoeder een kijkvenster had. En dat is precies wat Abdelkader Benali gedaan heeft. Hij schreef een brief aan 'de in haar slapende moeder opgerolde Amber'.

Om zicht te krijgen op de opvoedende taak die je te wachten staat moet je jezelf eerst doorgronden. En bij Benali's zelfonderzoek komt het angstgevoel heel erg bovendrijven. De angst om zijn ouders teleur te stellen (van de kinderen van inwijkelingen wordt verwacht dat ze het beter doen dan de eerste generatie), de angst voor de barre, boze wereld die ontstaan is door een letterlijk en figuurlijk afgeschermde jeugd, de angst om te flateren zoals zijn vader ('hij kon maar moeilijk accepteren dat hij om iets te krijgen zacht moest zijn'), de angst om door witte medemensen nageroepen te worden of erger... die voor het toenemende 'ressentiment van de verontruste burger'. Als je veel hebt moeten bevechten heb je 'weinig talent voor geluk'.

Beni Chiker, het familiedorp van de Benali's
© alvarez
Hoewel Amber, het meisje met de bewust gekozen Westerse voornaam, in een behoorlijk gespreid bedje zal wakker worden, maakt de vader zich terecht zorgen over intolerantie. Het is moeilijk om je over te geven aan de onvermijdelijkheid die sowieso gekoppeld is aan leven en dood! Daarom wil hij haar mentaal gereedschap meegeven: verbondenheid met de familiewortels die haar naar het dorp in de Rif brengen maar ook dromen, verwondering, het recht om te falen, interessantere rolmodellen dan die haar ouders hadden, de vrijheid om zich te ontplooien en uit te drukken. 'Mijn doel was niet gelukkig worden. Mijn doel was slagen in het leven', zegt de auteur als hij terugblikt op zijn jonge jaren. Tussen die woorden door voel je de hoop dat het anders wordt voor haar.

Bij deze mentale wapens hoort ook cultuur. '...wat ik je op het hart wil drukken is dat op het moment dat jij je leven kunt inrichten rond schoonheid en waarheid, met een voorname plek voor kunst en cultuur, je al half buiten het getto staat,' zo formuleert Benali zijn boodschap. Met een burgervader die dat begrepen had, zouden de kinderen van Molenbeek niet zo massaal ontspoord zijn. En er zouden minder jongetjes, Abdels en anderen, huilend op een glijbaan gezeten hebben. Met dit citaat benoemt de briefschrijver de wisselwerking tussen het persoonlijke en het maatschappelijke. Het Nederlandse berberkind dat het huis niet uit mocht is zijn afgeschermde jeugd meer ontgroeid dan het denkt en berouwt. Zijn bevraging staat midden in de wereld!  

Een winkel in Rotterdam
© FaceMePLS
Door, tegen de achtergrond van een multiculturele samenleving, het individu in ruimte, tijd en moraliteit te plaatsen, maar evenzeer dankzij stilistisch meesterschap, is deze auteur verwant aan Kamel Daoud. De romancier-journalist, die aan de overkant van de Marokkaanse grens - die voor de Riffijnen trouwens alleen een papieren grens is - woont, roept in Moussa of de dood van een Arabier Nobelprijswinnaar Albert Camus en zijn onverschilligheid ter verantwoording. 'Het meest van alles zal ik je willen beschermen tegen de onverschilligheid van de wereld', schrijft de verontruste vader terecht in Brief aan mijn dochter.

Abdel Benali's magnetiserende vertelstem serveert je nonstop beelden en gedachtegangen waar je stil van wordt en lang bij wil stilstaan. Dit boek verdient het om als een galmende echo door het land te gaan en te blijven hangen in de oren van prijs uitreikende juryleden. Het bevat bovendien voldoende verborgen kamers om opnieuw gelezen te mogen worden. Dat laatste zou perfect kunnen tussen de zonnebloemen van Beni Chiker die 'de kunst van het fluisteren beheersen'!
 

Quotering : ****½

Uitgegeven bij De Arbeiderspers - 2016

28 maart 2016

Colm Toibin - Brooklyn

 Leven is kiezen !

(Engelse editie)

'She was nobody here. ...it was rather that she was a ghost in this room,
in the streets on the way to work, on the shop floor.'

Ierland is nog niet zo lang een welvarend eiland. Door de aardappelziekte, die rond 1845 voor voedselschaarste zorgde, stierven meer dan een miljoen Ieren. Anderen vluchtten naar overzeese gebieden waar ze een nieuw leven probeerden op te bouwen. Ook in de afgelopen eeuw dreef er weinig vet op de Ierse soep. Het verbaast daarom niet dat Colm Toibin de naoorlogse migratie naar de VS tot zijn onderwerp heeft gemaakt in Brooklyn.

De family Lacey uit Enniscorthy wordt door de zoektocht naar werk uit elkaar gerukt. Terwijl de zonen één voor één naar Engeland zijn uitgeweken, dreigt ook de moeder-weduwe haar dochter Eilis te verliezen. Aangemoedigd door haar zus Rose, die dicht bij huis een kantoorbaan heeft, neemt Eilis aarzelend de boot naar de Verenigde Staten. Daar zal de geëmigreerde priester Flood haar helpen om te settelen. Zo vindt ze onderdak in het pension van de conservatieve Mrs. Kehoe waar verder nog een aantal wereldse, katachtige meiden een kamer hebben. Het simpele provinciekind Eilis heeft het er niet makkelijk. Met dank aan father Flood wordt ze winkelhulp in een keurige kledingzaak van Italiaanse inwijkelingen. Ook daar moet ze vechten om zich staande te houden. Heftige gevoelens van heimwee overweldigen haar. Al wandelend ziet ze een man voor haar overleden vader aan. De woonkamer van haar hospita associeert ze met haar moeders smaak. '...it was like the arrival of night if you new that you would never see anything in daylight again', zo benoemt ze haar gemoedstoestand.  

Maar de personages van Colm Toibin zijn overlevers. En bij het verduren van hun lot krijgen ze steevast de hulp van reddende engelen. In Brooklyn zijn dat de priester en Tony, de meest liefhebbende boyfriend die Eilis zich kan dromen. Als hij zijn meisje meeneemt naar het stadion van de baseballende Dodgers, wordt ze een echte New Yorkse. Daarbij bijt ze zich met succes vast in haar studie boekhouden. Maar omdat rozige tijden niet eeuwig duren, komt er dramatisch nieuws uit Ierland en moet de migrante kiezen tussen oude en nieuwe wortels.

Giant's causeway Ierland
© Scriptor
Buiten zijn aandacht voor de zieleroerselen van zijn hoofdrolspeelster geeft Toibin ruimte aan elementen die de jaren '50 kenmerken: het chaperonnegedrag van de hospita en haar kleinzielige huisregels, de eerste Afro-Amerikaanse klanten in de betere winkels, de in zichzelf gekeerde en rouwende Holocaust-overlevenden, de sjofele Ierse gastarbeiders die tunnels en wegen bouwden en daarna in armoede vervielen, de opkomst van de nylon kousen en modieuzere badpakken...  
Dat Nora Webster, de heldin van zijn meest recente boek, hier al kort geïntroduceerd wordt, is bovendien uiterst amusant!

Ook in deze roman blijft Toibin trouw aan thema's zoals familiebanden, het geworteld zijn in de geboortegrond en het bemoeizuchtige maar ook zorgende sociale netwerk. In het literaire spel van helder en hoogst subtiel zijn op een impliciete manier, herken je bovendien de stijl van deze auteur. Tussen de lijnen drijft zowel licht als duisternis. Als een verteller moet verleiden, dan is deze Ier een Don Juan.

Lees je deze schrijver in zijn moedertaal, dan komt zijn finesse nog beter tot uiting en trakteer je jezelf op een plek midden in zijn wereld. Colm Toibin, die de allerbeste slow motion-literatuur beoefent, bewijst ook met Brooklyn dat hij niet genoeg kan bewierookt worden! 


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Penguin Books - 2010

 

26 maart 2016

Zeruya Shalev - Pijn

Vechten voor geluk !
 

'Zoveel pijn en irritatie, wonden en littekens, komen voort uit intimiteit.'

Toeval bepaalt het leven. Op 22 maart ll. kon je in Brussel in de juiste of in de foute wagon zitten, op de juiste of de foute datum een vlucht geboekt hebben. Even toevallig ging het eerste boek, dat vlak na die fatale dag in de bus van De scriptor viel, over een bom die in een stadscentrum ontploft. Net als Zeruya Shalev zelf overleefde haar hoofdpersoon in Pijn een zelfmoordaanslag. 

Toch staat de politieke context nooit centraal in de romans van deze Israëlische. Ook wie in een conflictregio woont heeft te maken met relaties en familiekwesties, met zoektochten naar zingeving en geluk. Schooldirectrice Iris is, na het verlies van haar grote jeugdliefde, Eitan, getrouwd met de stabiele maar wat voorspelbare Micki. Het stel heeft twee kinderen, Omer die van een ADHD-jongetje in een evenwichtige tiener veranderd is en Alma, het makkelijke kind dat zich tot een onbereikbare jonge vrouw ontwikkeld heeft. Iris voelt zich schuldig omdat ze tijdens haar revalidatie een machteloze mamoesj was. Ze is ervan overtuigd dat ze tegenover haar dochter gefaald heeft. 'Het is een hard lot om een moeder te zijn die niet functioneert', stelt ze vast als ze terugdenkt aan haar lange ziekbed. Ook haar relatie met Micki lijdt onder dat besef. Wanneer ze Eitan opnieuw tegen het lijf loopt, wordt er een hopeloos verlangen naar warmte en veiligheid in haar wakker. Ze komt in een ijldroom terecht waarin de waan het overneemt van de werkelijkheid. Pas als Alma helemaal dreigt af te glijden, recht haar wankele binnenste zich en vecht ze als een leeuwin. 'Soms moeten we onze kinderen steeds opnieuw het leven schenken', zo concludeert ze. Trouwens, niet alleen Iris, ook Alma is in de valkuil van zelfbedrog getrapt!

Jeruzalem met de Gouden Koepel
© neufal54
Shalevs personages vinden wel geluk maar altijd na een lange, moeizame strijd. Vaak nemen ze een foute route maar wel één die ze nodig hadden om tot inzicht te komen. Communicatie en emotionele banden tussen gezinsleden zijn in haar wereld nooit eenvoudig. Er is geen recept voor het leven! 'Vergeleken met ons is Sisyphus een amateur', kun je in Pijn lezen.

Hoewel haar universele karakters aantrekkelijk ogen en de destabilisering van Iris voor een groot stuk voortkomt uit de aanslag, zou het interessant zijn om haar hoofdrolspelers iets meer te laten spiegelen in de unieke socio-politieke (in ruimere zin dan de oorlogsrealiteit) en culturele achtergrond van de Israëlische maatschappij. De schrijfster doet dat enkel bij wijze van uitzondering. Heel even is de angst aanwezig voor het hachje van dienstplichtige kinderen (ook meisjes) of maakt Iris zich in twee zinnen sterk voor een tolerante samenleving. De directrice stelt bewust haar school open voor Arabieren en gastarbeiders. '...de straat wordt steeds extremistischer en racistischer', zo klinkt haar ongerustheid. Een rondje googlen leert je dat de overheid, omwille van het risico op aanslagen, niet meer afhankelijk wil zijn van Palestijnse werknemers en dus Aziaten, Oost-Europeanen, Turken... een verblijfsvergunning geeft. Een ander boeiend weetje betreft de Babylonische joden waartoe de naar Irakese muziek luisterende Micki behoort. Omdat Shalev ervan uitgaat dat toelichting ook hier niet nodig is, neem je Google opnieuw in de arm. Even later weet je dat de Babyloniërs in de 6de eeuw v.C. joden uit het nasmeulende Jeruzalem ontvoerden. Pas bij het ontstaan van de Israëlische staat in 1948 keerden velen van hen terug uit het huidige Irak. 'Welke identiteit levert een eeuwenlang verblijf in en rond de stad Babylon op?' is een vraag die gaat branden. Een personage als Micki mag best een diepere laag krijgen. 

Als de auteur haar idee over onrecht en vergeving kort uiteenzet, vraagt ze opnieuw achtergrondkennis van de niet-joodse lezer. De joodse religie houdt haar volgers voor dat vergeving het uiteindelijke doel moet zijn van een slachtoffer van een misdaad. Dat over het hart strijken hoeft niet vanzelf te gaan. De dader moet schuld bekennen, voor genoegdoening (eerherstel, schadeloosstelling...) zorgen en om vergiffenis vragen. Die kan dan de plaats innemen van wraakgevoelens. Zo krijgt de vicieuze cirkel van wrok en geweld geen kans... een idee waar ook sommige Westerse juristen oor naar hebben. Hoewel de attitude van vergeving wel aanwezig is in haar werk (Shalev is trouwens theologe van opleiding), lijkt het erg de moeite waard om deze kijk op strafzaken eens helemaal te verfijnen in romanproject.

Carmel market Tel Aviv
© Yevgeniy Shpika
Zeruya Sahlev zet volop in op de zieleroerselen van haar fictiefiguren. Die delen ze graag en uitgebreid met elkaar. Vaak lijken de conversaties op het oeverloos kletsen van boezemvriendinnen. Dat geeft haar werk een erg vrouwelijk karakter. Als je je daartoe aangetrokken voelt, zul je van haar koortsige stijl genieten. Ben je meer van het nuchtere en compacte dat onze eigen literatuur kenmerkt, dan worden haar verhalen door de herhalingen en uitweidingen soms langdradig. Haar taal kan bovendien gezwollen zijn. Bij zinnen als '...we zullen vurig branden tot we samensmelten...' of '...ze schenken hun braaksel aan de plaatselijke goden...', knipper je toch even met de ogen. De kracht van deze auteur is haar visie op het persoonlijke en sociale functioneren van mensen. Zonder schroom legt ze de complexiteit en de tragiek van ons lot bloot. Daarbij schuwt ze geen taboes. Zo blinkt de moeder van Iris uit in jaloerse bezitterigheid ten aanzien van haar eigen kroost. De titel Pijn kan met veel ladingen gevuld worden! Maar toch...als slachtoffers en nabestaanden van een brandende stadsbus op kunnen staan, dan kunnen burgers in andere gewonde steden dat ook!

Quotering: ***½

Uitgegeven bij Cossee - 2016
 

22 maart 2016

Evie Wyld - Overal vogelzang

Over randen en randjes !
 
 
'Het was er nog steeds..., het gevoel alsof er iets gehurkt in de vallei zat,
wachtend en kijkend en klaar voor de aanval.'

Schapenfokster Jake is een pezige vrouw die de dag begint met sit ups en 's nachts bezocht wordt door nachtmerries. Vόόr ze zich terugtrok op een Brits eiland, had ze de stiel in haar geboorteland Australië geleerd. In de stofdroge bush tussen roodrugspinnen, 'vliegen die uit je ooghoeken drinken' en macho kerels heeft ze zich het hoeden en scheren van schapen eigen gemaakt. Maar Jake is kwetsbaarder dan ze zich voordoet. Niet toevallig houdt ze mensen op afstand. 'Ik vertel hen de tussenstukjes van mijn leven, de stukjes die beschikbaar zijn', hoor je haar zeggen. Gaandeweg wordt duidelijk dat ze een groot geheim met zich meedraagt, een bladzijde uit het verleden die haar in permanente angst dompelt. Wanneer iets (een vos?) of iemand het op haar schapen gemunt heeft, slaat de paniek toe.
 'Niets raakt me in het donker aan', zo liegt ze zichzelf voor. De hamer onder de gootsteen en de halve baksteen in de vensterbank spreken een andere taal.

Woltafels in een schapenfokkerij
© Carmel James
In de tweede verhaallijn, die alsmaar belangrijker wordt, graaf je steeds dieper in de Australische achtergrond van de hoofdfiguur. Over deze passages hangt een unheimische, agressieve sfeer. Je komt terecht in de wereld van de prostitutie met de bijbehorende vernederingen en extreme kwetsbaarheid van sekswerkers. Zowel van de los-vaste krachten op de schapenfokkerij, die ruiken naar wolvet en whisky, als van het personage Otto gaat een aanhoudende dreiging uit. En Otto's hond is even vilein en gestoord als zijn baasje. Met deze achterliggende verteldraad haalt Evie Wyld een opvallend stilistisch kunstje uit. Ze zondigt tegen de gangbare chronologische geplogenheden en komt daar èrg goed mee weg!

Deze levensroute is één groot gevecht. Het is een rauwe confrontatie met natuurelementen, 'het incompetentielijstje' (Hoe red je een schaap uit zuigende modder?), het sadisme van de man die op Jakes pad kwam, de spoken uit onbesuisde tijden. Haar leven is illusieloos, zuiver gericht op het zich staande houden. Jake moet en kan zich meten met mannen. Daarnaast is haar vlucht ook een boetedoening voor een jeugdzonde die de donkere kant in elk van ons illustreert.

Overal vogelzang heeft Hitchcock-allures. In deze zintuiglijke roman weerklinken enge dierengeluiden: het 'getrippel van de buidelrat op het golfplaten dak', 'het stroperige gekrijs van de kaketoe', 'de roep van een vogel in de nacht die klinkt als een brandsirene'... Op eenzelfde manier strooit de schrijfster met geuren. 'Het ruikt er alsof hij een stoofpot onder zijn bed bewaart', is een typische Evie Wyld-quote.

De huntsmanspin komt voor in Australië
© en.academic.ru
Aan deze fictievrouw kun je alles toevertrouwen. Haar zeggingskracht verdient elf op tien! Haar grenzeloze verbeelding wordt superieur in taal verpakt! Dankzij het meesterschap van deze jonge auteur en de no nonsense-houding van haar hoofdpersonage is de tragiek van Overal vogelzang perfect verteerbaar. Het kan niet anders of deze, in originaliteit uitblinkende, schrijfster zal uitgroeien tot één van de meest toonaangevende in Groot-Brittannië! 

Dit is een gebald boek, zonder ademruimte. 'Onderhoudend' is in deze context een understatement! En als je er wat afstand van genomen hebt, verbaas je je over het feit dat dit zelfkantverhaal ontstaan is in de geest van een Londense boekhandelaarster... en verteld werd alsof ze Jakes alterego is!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij De Geus - 2016

 

18 maart 2016

Kristine Bilkau - De gelukkigen

De gedwarsboomde generatie !
 
 
 'Er is niet zoiets als aanspraak op zekerheid.'
                        
Wanneer ben je beter af? Als je een gepamperde jeugd hebt gehad en niet ondervonden hebt wat materiële onzekerheid betekent of als een tegenovergestelde ervaring je opvoeding bepaald heeft? Bij het lezen van de 'De gelukkigen' is dat een moeilijk van je af te schudden vraag.

Georg en Isabell moeten het sowieso doen met de bagage die ze hebben meegekregen. Zij is een twijfelende, angstige vrouw die vaak aan het cocon van haar jonge jaren terugdenkt en haar eigen kind, de tweejarige Matti, overbeschermt. Ze ziet overal ziektekiemen en ongezond voedsel. 'Het zou alleen maar mis gaan als ze haar nek uitstak', is een veelzeggende uitspraak van deze controlefreak. Maar omdat het leven geen rekening houdt met de gevoeligheden van mensen, slaat het noodlot toe. De cellospeelster krijgt last van een trillende hand en raakt haar goed betaalde baan bij een musicalgezelschap kwijt. 

© Pixabay
Hoewel journalist Georg nuchterder omgaat met het bestaan, is ook hij geen kind van krimpende economische tijden. Als de krantdirectie banen wegsnoeit, raakt hij alle houvast kwijt. Terwijl hij dagdroomt over een plattelandswoning in Ierland of een ander romantisch oord, beseft hij dat het misschien niet eens mogelijk is om in hun vertrouwde wijk te blijven wonen. Ook Isabell vertoont escapistisch gedrag. Dat richt zich op het gaan winkelen in kleding- en delicatessenzaken die ze zich voorheen wel kon veroorloven.

Hoe meer tegenvallende sollicitaties, hoe hoger de spanning oploopt. Waar het stel in het begin van het verhaal nog talent had om met elkaar te communiceren en kleine ruzies op een ontroerende manier bij te leggen, sluipen grimmigheid, kilte, irritatie en zwijgen het gezin binnen. Georg zinkt weg in 'theatrale zwaarmoedigheid' en beiden verliezen ze hun zelfvertrouwen en gevoel voor eigenwaarde. 'Vreugdeloosheid verspreid zich als een gif,' kun je lezen. De gelukkigen illustreert het idee dat je eerst héél diep moet wegzinken om uit de put te kunnen klimmen. En net als ouders die een kind verloren hebben van elkaar wegglijden, blijkt ook dit leed lange tijd te groot om gedeeld te kunnen worden.
 
Kristine Bilkau heeft een medogenloze pen. Haar taal en beeldspraak zijn even doeltreffend als dartpijltjes die in de roos vliegen! Niet alleen wordt het psychologische spel tussen de partners en hun zoektocht naar een nieuwe identiteit rauw neergezet, ook maatschappelijke fenomenen zoals de beleggingsrage, beamerconferenties, de romantiek van het moederschap, autarkische bohemiens... krijgen vegen uit de pan. 
 
© Pixabay
Misschien moet je horen bij deze generatie van eind dertigers, begin veertigers, om je goed te kunnen verplaatsen in hun verlangen naar een status quo waarin geen plaats is voor het omgooien van het roer, het opentrekken van de horizon. Bij dit stel leidt een in de watten gelegde jeugd tot verstarring, tot een dromenloos existeren. '...ze zijn geen avonturiers. Maar hij wilde wel dat ze het waren', geeft Georg toe. Pamperen kan dus verlammend werken. Deze op zichzelf teruggeplooide leventjes hebben iets treurigs. Is zelfverwezenlijking niet iets doen met je talenten?  
 
De gelukkigen maakt je benieuwd naar de generatie die wel met grote vraagtekens is opgegroeid!
 
Quotering: ****

Uitgegeven bij Cossee - 2016 
 

14 maart 2016

Atte Jongstra - Aan open zee

Eilanden bestaan niet !
 
 
 'Het water neemt de vorm aan van de vaas waarin men het giet.'
 
Op Christiansø, een honderd zieleneilandje aan de rand van Denemarken, gebeurt nooit iets. Daarom is het de ideale plek voor een auteur die in alle rust een roman wil schrijven. Toch heeft Axel Borg, de hoofdfiguur uit Aan open zee, nog niet eens een beginidee voor zijn fictieproject. Hij denkt er zelfs aan plagiaat te plegen en zich Het Ravijn, een minder bekend boek van Ivan Gontsjarov, geestelijk toe te eigenen... tot hij ontdekt dat er rondom hem spannende dingen gebeuren en eender wie een verborgen agenda kan hebben. Als lokale vissers menselijke resten vinden, geraken de gebeurtenissen in een stroomversnelling en staat de kleine gemeenschap binnen de kortste keren in rep en roer. Axel Borg hoeft maar te observeren...
 
Wat op het eerste gezicht puur en onverdorven lijkt, blijkt er na verloop van tijd héél anders uit te zien. De Oostzee is zwaar vervuild, de vis doet zich tegoed aan mosterdgas, Russische straaljagers en onderzeeërs schenden het luchtruim en de territoriale wateren, een onderwereldfiguur komt schuilen voor achtervolgers... De zee uit de titel is inderdaad een open universum, geen beschermende wand.  

Christiansø
©  www.visitdenmark.dk
Gaandeweg voel je de bui hangen. Boontje komt om zijn loontje. 'Ge zijt tot afgod van boosdoeners verworden, Heer', roept de bijbelvaste Lutheraan Jens Mikkelsen uit. Genesis, het verzenboek over de schepping en de zondeval, parafraserend, laat hij god 'Er zij geen licht' uitspreken. Kenners van De Schrift zullen de orerende Mikkelsen nog beter kunnen duiden. Andere eilandgasten zijn zich, egotrippend, van geen dreiging bewust. Zowel Axel als de crimineel Dutch en politiecommissaris Mads Vilhelm zijn druk met hun eigen ambitie. Het zijn personages die van hun gevoel zijn afgesneden, het vermogen om van zichzelf en anderen te houden verspeeld hebben.

De karakters van deze roman gebruiken elkaar. Als de crisissituatie zich ontplooit, wrijven Axel en Mads zich in de handen. Om zijn imago van 'speurder des vaderlands' hoog te kunnen houden, manipuleert Vilhelm al jaren de bewijslast in zijn dossiers. 'Ook in het recherchewerk kun je Schepper zijn', pocht hij. De aan plagiaat denkende Axel heeft evenmin last van zijn geweten. IJdelheid regeert! Maar ook de visser die zijn doodzieke vangst verkoopt, heeft geen scrupules. 'Het water neemt de vorm aan van de vaas waarin men het giet.' Gedrag plooit zich naar de omstandigheden die zich aanbieden. Wat begint als een vermakelijk verhaal (de predikant die paarse groenten kweekt; de oude Stalinist; Vilhelm die met een pikhaak, waaraan menselijke resten zitten, op het dienstvaartuig stapt...) blijkt een cynisch schouwspel op te leveren. Maar terwijl je denkt af te stevenen op een apocalyptisch einde, verrast de auteur je door uit een heel ander vaatje te tappen.

Christiansø 
©  Bo Nielsen 
Deze kroniek over oerkrachten, waarheid en leugen, schepping en ontschepping, op drift zijn en ankeren... is strak gecomponeerd, met verve geschreven, zonder één holle zin en met overtuigende dialogen. Via beelden als 'gelaatstrekken die met cokes leken getekend' en 'er ging iets monolithisch van hem uit', geeft de auteur zijn visitekaartje af. De erg korte hoofdstukken doen een scènisch boek vermoeden maar, hoewel de camera zwenkt, behoudt de intrige wel zijn samenhang. Atte Jongstra's belangstelling voor de 19de eeuw krijgt ook in deze actuele vertelling een plaatsje: buiten Ivan Gontsjarov dient zich de Franse schrijver Joséphin Péladan aan. Hij is de bedenker van het citaat boven dit stukje en de man die vond dat kunst de mens tot god moest verheffen. Borg en Vilhelm zouden zijn geesteskinderen kunnen zijn.

En toch... Leermeesters hoef je niet een leven lang te volgen.
'Wat Axel betreft, lag het geluk nergens', kun je op één van de eerste pagina's lezen. Aan het einde van de winter op het eiland met de haringrokerijen en de sleedoornborrels denkt hij daar helemaal anders over. 
 

Quotering: ****

Uitgegeven bij De Arbeiderspers - 2016

11 maart 2016

Victor Klemperer - Zo zag de waarheid er op donderdag uit

Spartacus of de opstand van de slaven !

 
'Wat jammer dat je niet alleen maar toeschouwer kunt zijn
als je Duitser bent.'

Wie ooit de populaire citrytrip naar Dresden heeft ondernomen, kent Victor Klemperer. Toen Britse en Amerikaanse bommenwerpers, in de Feuernacht van 13 februari '45, de barokstad in de as legden, vluchtte de toenmalige Duits-joodse hoogleraar met een rugzak vol manuscripten in de richting van de Elbe. Het tafereel van de man die zichzelf en zijn levenswerk redt, is een beklijvend beeld. Pas jaren na zijn dood (in '60) zouden zijn geschriften een breed publiek bereiken.

In Zo zag de waarheid er op donderdag uit werpen dagboeknotities afgewisseld met journalistieke stukken een licht op een turbulente bladzijde uit de Duitse geschiedenis. Vlak na de Eerste Wereldoorlog polariseerde de vernederde en verpauperde samenleving met sterke klassenverschillen in versneld tempo. Links en rechts van het politieke centrum ontstonden radicale krachten die elkaar rauw lusten. In het beruchte jaar '19 doceerde Victor Klemperer in München, een baan die hij combineerde met het schrijven van krantenartikels voor de Leipziger Neueste Nachrichten


Geïnspireerd door de Russische revolutie en in navolging van de Spartacus-opstand in Berlijn grepen in de Beierse hoofdstad geradicaliseerde socialisten, anarchisten en sociaal-democraten de macht en installeerden op 7 april een radenrepubliek. Toen op 13 april ook de communisten mee gingen regeren, verharde de politieke koers. Het straatbeeld werd bepaald door gewapende soldaten, rode vlaggen en armbanden. De lijn met de Weimarrepubliek werd doorgeknipt, de universiteit moest veranderen in een revolutionaire hogeschool, 'de Leipziger' werd geconfisqueerd en publiceerde enkel 'rode kunst' en verordeningen van de Centrale Raad. 'Duitsland en de wereld bestaan niet meer', zo beticht Klemperer de coupplegers. De minachting voor het geestelijke zit hem hoog. Het meest hilarische voorbeeld van de nieuwe politiek is dat van de wasmanden. Omdat ministers, nu volkscommissarissen genoemd, dicht bij 'de kameraden' moesten staan, werd met het afschaffen van de afdelingschefs de bureaucratie een kopje kleiner gemaakt. Die maatregel zorgde voor wasmanden vol post in het kantoor van het departementshoofd. Zoveel chaos kon niet lang geduld worden. Het conservatieve Beieren was klaar voor een tegenrevolutie...

Bij het verhelderen van deze onmacht neemt Victor Klemperer geen blad voor de mond. Hij is scherp, spottend, ongenadig. 'Er komt geen einde aan de domheid', briest de chroniqueur. Of ook: 'Hoogstens een tiende deel van de bevolking houdt de overige honderdduizenden als in ketenen gevangen.' De radenaanhangers noemt hij 'een stelletje lachwekkende bohemiens' die 'een tragikomedie' opvoeren. Heel even, maar betekenisvol, verwijst de filoloog (Duitse én Franse taal) naar de verlichtingsfilosoof Montesquieu, die zich keerde tegen alle vormen van absolutisme en de scheiding der machten bepleitte. Klemperer toont zich een overtuigd democraat en liberaal. In weerwil van de conservatieve koers van zijn krant, blijft hij argwanend naar de invulling van elk politiek ambt kijken. Hoewel deze humanist zich een kritische ooggetuige van de geschiedenis toont, geeft hij zijn stukken niet veel duiding mee. Omdat zeker de lezer van nu daar behoefte aan heeft, werden aan deze uitgave uitgebreide voetnoten, een voorwoord en een historisch essay toegevoegd. Op die manier wordt de complexiteit van de context gefilterd en bevattelijk tot bij de hedendaagse toeschouwer gebracht.
 
München 1919: ook arbeiders werden bewapend.
Toch moet je ook goed tussen de regels kunnen lezen. Net als in de marge van de revolutie antisemitische vlugschriften verspreid worden en dito straatkreten weerklinken, zie je aan de rand van dit verhaal hoe loyaal Duits-joodse burgers waren. Joden worden wel eens 'de eerste echte Europeanen' genoemd. Ook Klemperer schrijft: 'De in essentie menselijke wereld is voor mij de Europese.' Hij streed als oorlogsvrijwilliger aan het westelijk front en had zich tot het protestantisme bekeerd. Over zijn collega-academici zegt hij: 'Het merendeel van de hoogleraren kwam niet op het idee het toenemende antisemitisme te bestrijden.' Aanjagers van jodenhaat waren, onder meer, de gewelddadige vrijkorpsen - paramilitaire eenheden van gedemobiliseerde beroepssoldaten - die steeds radicaler werden en later deels opgingen in de SA en de SS. Zij hadden een hoofdaandeel in het neerslaan van de Münchense bolsjewieken. Voor de rechtse tegenstanders van de Republiek Duitsland lag de weg voortaan helemaal open. De vlucht uit Dresden van de professor met de jodenster werd al in 1919 ingezet!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Atlas Contact
 

4 maart 2016

Péter Gárdos - Ochtendkoorts

Overleven is geloven in illusies !


'Maar mijn vader had in die tijd
belangrijker zaken aan zijn hoofd dan zijn leven.'

Als één van Lili's vingers niet even bewogen had bij de bevrijding van het nazikamp waar ze stervende was, dan was er geen relatie geweest tussen haar en Miklós, dan waren er geen liefdesbrieven in de handen van Péter Gárdos gedrukt en was er geen zoon geweest om dit aangrijpende verhaal op te schrijven! 'Soms was het lot de taaien genadig', zegt een stem in dit boek.

Wanneer Miklós, die Bergen-Belsen overleefde, na de oorlog in een Zweeds opvangkamp verzorgd wordt en röntgenfoto's duidelijk zijn over de zéér beperkte levensverwachting van de Hongaar, gaat hij niet zitten somberen maar onderneemt hij actie. Omdat hij in de tijd die hem rest een partner wil vinden, schrijft hij lotgenotes aan die elders in Zweden opgevangen worden. Uit die correspondentie komt Lili tevoorschijn. Hoewel het water tussen hen behoorlijk diep is - kampregels, gezondheidstoestand, weinig reisgeld - blijken ze allebei over een koppige doelgerichtheid te beschikken. Wie een concentratiekamp overleeft schrikt niet van de alledaagse wereld!

In het Duitse krijgsgevangen- en concentratiekamp Bergen-Belsen
werden 70.000 mensen omgebracht.
© Jessica Spengler 
In Ochtendkoorts spelen brieven een hoofdrol. Ze zijn niet alleen de getuigen van een tijdgeest maar ook de motor van een ontluikende liefde. Hun kracht ligt in het prikkelen van de verbeelding, het opvoeren van het verlangen en het onderhouden van de spanning die de man-vrouw-communicatie kenmerkt. In een tijd van Skype en selfies zou Lili bijna zeker zijn afgeknapt op de uitgemergelde Miklós met het metalen gebit. Door die brieven en ook de Hongaarse kranten, die twintig dagen onderweg zijn, loopt er een prettige traagheid door dit verhaal.  

Opvallend en eigenlijk verbijsterend is de mentale kracht van de kampslachtoffers, de hoofd- én nevenpersonages van dit boek. Op een enkeling na, iemand die de dood van zijn geliefde niet kan verwerken, rennen ze sneller het leven in dan hun broodmagere benen hen kunnen dragen. Houvasten hierbij zijn kameraadschap (die ontroerende proporties kan aannemen), zang en dans, het maken van gedichten, een nieuw maatschappijmodel dat socialisme heet... en, je bent niet voor niets Hongaar, partijtjes schaak. Hoop en toekomstgerichtheid zijn hun drijfveren, ook al moeten ze daarvoor in illusies geloven.

Boedapest: zicht vanuit Pest op Buda
©  Scriptor
Ochtendkoorts is doorgaans lichtvoetig verteld, balancerend tussen laconieke ernst en relativerende knipoogjes. Het snaakse gedrag van Miklós en zijn kameraden maakt de omstandigheden voor hen en de lezer draaglijk. Ze roken stiekem sigaretjes, verzinnen leugentjes om bestwil, doen aan fototrucage en breken de dossierkast van de dokter open. Over de oorlogsgruwelen zwijgen ze. Die neemt de schrijver-zoon, op momenten die daarom vragen, wel in de mond. Met eenzelfde ernst toont hij het gevecht van Lili met haar joodse identiteit en de verontwaardiging van haar vriend over zijn status in het opvangtehuis. 'Wat was hij hier eigenlijk? Een patiënt? Een vluchteling? Een dissident? Een tijdelijke gast?' Het lijkt wel een protest van een hedendaagse bewoner van een asielzoekerscentrum.

Hoewel de stijl van Péter Gárdos de sfeer en de gemoedsgesteldheid in deze autobiografische roman tot hun recht laat komen, zit de filmregisseur (die hij ook is) de auteur wat in de weg. Zijn literaire camera zwenkt een beetje nerveus van scène naar scène. Op die manier moet de lezer te snel afscheid nemen van een beleving of een beschouwing. Ondanks deze vertelhaast is Ochtendkoorts een eerbetoon aan de veerkracht van de mens die het leven wegsleept voor de poorten van de dood!          


Quotering: ****

Uitgegeven bij Ambo Anthos - 2016

27 februari 2016

Paul Theroux - Het diepe Zuiden

Bijbel en schiettuig samen onder het hoofdkussen !     


'... het Zuiden, waar mensen aannemen dat er niets verandert
omdat er maar zo weinig is veranderd.'

Globetrotter en treinliefhebber Paul Theroux heeft voor zijn recentste reisproject uit een ander vaatje getapt. Het is niet omdat je 74 bent, dat je niet meer flexibel kunt zijn! Hij is naar een land in zijn eigen land gegaan, naar het Zuiden van de Verenigde Staten waar de politieke, economische en sociale realiteit nog evenveel verschilt van die in het Noorden als in de tijd van de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). Lange treinreizen kun je er niet maken. Dus stapte Theroux in zijn auto voor een roadtrip over Interstate Highways maar vooral plattelandswegen die langs akkers en door bossen leidden, helemaal tot in de delta van de Mississippi.

Het Zuiden ontleent zijn identiteit aan de 19de eeuwse feodale gemeenschap van grootgrondbezitters en slaven. Hoewel anderhalve eeuw geleden de slavernij werd afgeschaft, bepalen raciale intimidatie (de Ku Klux Klan is nog steeds actief) en segregatie nu nog het maatschappijbeeld. Aan het verliezen van de oorlog en de status van weleer hebben de witte Zuiderlingen een complex overgehouden. Zij wonen in 'verbitterde oorden', voelen zich vernederd en wrokkig, zoeken naar aanzien op wapenbeurzen, bij bikersclubs en het American football. De rassenscheiding uit zich in een plaatsnaam als niggertown maar nog sterker in het weren van zwarten uit witte kerken, scholen, studentenverenigingen of in de onmogelijke rentes op bankleningen.

'The Black Belt', het gebied van de (katoen)plantages en de slavernij
© J intela at English Wikipedia
Bovendien heeft de economische achteruitgang van de laatste decennia het gebied in diepe ellende gedompeld. Bedrijven trokken naar lage loonlanden, scherp geprijsde Aziatische invoer verdrong lokale producten. De besnorde catfish (of meerval) staat nog overal op het menu maar heeft steeds minder handelswaarde. Grote groepen, vooral zwarte burgers, leven onder de armoedegrens. Velen moeten het stellen zonder water en elektriciteit. De analfabetismecijfers (14% in Arkansas!) zijn een ontwikkeld land onwaardig. Op de slingerende landwegen ziet Theroux golfplaten hutten, sjofele caravans en armelijke huizen. In de stadjes gedijen kringloopwinkels, tweedehandszaken en pandjeshuizen. 'Deze armen zijn in zekere zin armer en minder in staat zich te redden en hopelozer dan veel mensen tussen wie ik gereisd had in noodlijdende delen van Afrika en Azië', stelt de auteur vast. Troost en hoop vind je enkel in de kerk. Op elke straathoek is er één!

Paul Theroux staat erom bekend dat hij anderen het verhaal laat vertellen. Alleen als de werkelijkheid verbloemd wordt, wijst hij zijn gesprekspartner met een scherpe vraag terecht of voegt hij, later aan zijn schrijftafel, een beschouwing toe. Aan Bill Clinton, de Zuiderling uit Arkansas (die hij niet ontmoet heeft), wijdt hij vlammende bladzijden. Met nauwelijks ingehouden woede roept hij de ethisch falende politicus ter verantwoording. De oud-president bekeerde zich laat 'tot de groep die luid en duidelijk om integratie vroeg', zo klinkt het. 'In My Life (zijn autobiografie) hemelt Clinton de uiteenlopende bevolking van Hot Springs op maar de zwarte kant van de stad, de wijk Langston, wordt niet genoemd.' Als hij zich tijdens de campagne van '92 om electorale redenen naar zijn thuisstaat haast om het doodvonnis te tekenen van de hersenbeschadigde Afro-American Ricky Ray Rector, toont hij zich 'moreel blind'. Deze spinnijdige pagina's roepen herinneringen op aan Emile Zola's 'J'accuse'! Clinton staat symbool voor de blasé politici in Washington die hun ogen sluiten voor de Derde Wereld in hun eigen land.

St. Paul's Episcopal, Magnolia Spring Alabama
© Chris Pruitt
Toch heeft deze ontdekkingstocht ook een warme kant. 'Meneer Paul met de moeilijk te spellen achternaam' raakt bevriend met een dominee, een blinde boekenliefhebber, een hoog bejaarde schrijfster... wordt verwend met comfort food zoals gefrituurde taart en de afscheidsgroet 'Kom gauw terug' loopt als een mantra door het verhaal. Dat neemt niet weg dat de lezer een schokkende ervaring te wachten staat. Hoewel er altijd een vorm van beklemming over Theroux' boeken hangt, snijdt Het diepe Zuiden op elk moment je adem af. Arm ben je ook niet alleen op even of oneven dagen! Theroux formuleert het zo: 'Er is een spookachtige onderlaag van duisternis in het zuidelijke leven... het kost een tijd om die duisternis waar te nemen, en nog langer om ze te begrijpen.' 

Of de in het Zuiden populaire presidentskandidate Hillary Clinton de intentie heeft om haar kritiek op discriminatie in beleid om te zetten, is zeer de vraag maar, met deze literaire bagage in het achterhoofd, wel de moeite om te volgen.
En, trouwens... Zou Paul haar zijn stem geven? Of zit de familienaam hem in de weg?

Quotering: *****
 
Uitgegeven bij Atlas Contact - 2016

23 februari 2016

Peter Vermeersch - Ex

Een academicus in een rocktempel !


'Fresco's en iconen kunnen niet bewonderd worden
zonder aan politiek te denken.'
                                        
Een reiziger-onderzoeker die door de Balkan trekt, mag niet te kieskeurig zijn of gehecht aan subtiele omgangsvormen. Ruig is het woord dat bij natuur en inwoner past. Robuuste rockbands, tattoos, zware rokers, autobestuurders met kamikazegedrag, een homo- en Romafoob discours, mannen die in de plaats van vrouwen denken... wapen je maar! Daarbij vergeet je in een culinaire cultuur van vleeseters best de cholesterolarme of diervriendelijke thuismaaltijden. Politiek wetenschapper, Peter Vermeersch, hoor je niet klagen. De slavist vindt het prachtig om via de gemiddelde Balkanner verder door te dringen in zijn vakgebied.

Die open geest komt vooral goed van pas als je de confrontatie moet aangaan met burgers van wie de oorlogsverhalen in een taboesfeer zijn blijven hangen en bij wie de wonden dus nooit echt gedicht werden. Na het uit elkaar vallen van de Republiek Joegoslavië in 1991 laaiden nationalistische sentimenten op die aangejaagd werden door politici zoals de Servische Slobodan Milošević en de Kroaat Franjo Tudjman. 'Met het oog op duurzame vrede moet je zelfs het ergste verleden bespreken', zegt mensenrechtenactiviste Nataša Kandić uit Belgrado. Als dat niet gebeurt kan het later 'gekaapt worden voor politieke doeleinden'. Wie zelf in de Balkan gereisd heeft, weet dat het vertrouwen in een vreedzame toekomst er nog erg broos is.

Het pelgrimsoord Ostrog, hoog in de Montenegrijnse bergen
© Scriptor
Een ander triest gegeven is dat zowat iedereen heimwee heeft naar de maatschappij onder Tito, de president van Joegoslavië die internationaal respect afdwong en garant stond voor een behoorlijk welvaartsniveau in zijn multi-ethnische staat. 'We waren tevreden, we hadden alles wat we wilden', vertelt een leidinggevende van een gezondheidscentrum in Igalo aan de fjordachtige baai van Kotor, de landschappelijke trots van Montenegro. Ook Musa uit het Macedonische Ochrid denkt met weemoed terug aan de 'gouden' jaren '80 (het eerste deel van dat decennium was nog rustig) toen hij op de markt van Belgrado broeken verkocht. Uit de ontwrichtende oorlogswereld konden gewetenloze krachten munt slaan en de jonge staten met een maffia-cultuur, die economie aan politiek linkt, vergiftigen. 'De economie is ziek van vriendjespolitiek', hoor je de auteur zeggen. Beleid maakte plaats voor zelfverrijking. De jonge Balkan-generatie bestaat voornamelijk uit een werklozenleger dat zich staande houdt met schimmige baantjes en zwarte handeltjes. En vrouwen zoals journaliste Jelena beklagen er zich over dat 'progressieve, niet al te macho mannen' naar het buitenland gevlucht zijn bij het uitbreken van de vijandelijkheden. In Belgrado is daten een moeilijke opgave! Bijna even moeilijk als schrijven voor een gemuilkorfde pers.

Bovendien is 'de politiek meer bezig met de interethnische component dan met besturen'. Het teveel aan instellingen en bestuursniveaus werkt verlammend. De gevolgen van politieke keuzes en onwil wegen op het gemoed van de burgers. Het ontbreken van een toekomstperspectief tekent zich af op hun gezichten en drukt op hun conversaties. Zou daarom de rakija, een gedistilleerde vruchtendrank, zo'n hoog alcoholpercentage hebben??

Sveti Stefan: cultureel erfgoed uit de Venetiaanse tijd
dat door Montenegrijnse corruptie verkwanseld werd aan buitenlandse kapitalisten
die er een hotel van maakten.
© Scriptor
In Ex kiest Peter Vermeersch ervoor om via persoonlijke verhalen naar historische ontwikkelingen te kijken. Waar nodig zorgt hij voor gedoseerde duiding. Terwijl nieuwsuitzendingen en krantenartikels opteren voor een analytische, theoretische benadering die je vaak de impact op mensen doet vergeten, toont de auteur aan dat je de draagwijdte van bestuursbeslissingen pas ten volle kunt vatten als je de rechtstreeks betrokkenen aan het woord laat. Hoewel de Balkan ingewikkelder oogt dan een lappendeken ('Onafhankelijke staten waarvan de identiteit aanwezig is in alle staten', schrijft deze reiziger.), kun je zijn recente geschiedenis tot de essentie terugbrengen. Opruiende politici die conservatief nationalisme aanwakkeren, het sluwe creëren van vijandbeelden, een maatschappij die minder ervaring heeft met overleg en compromissen dan met machismo, een klimaat waar het recht van de sterkste de dienst uitmaakt, wijdverbreide corruptie, het fnuiken van het vrije woord... zijn herkenbare mechanismen. Ze blootleggen is ze begrijpen!

Zolang de Balkanbewoners hun gevoel van eigenwaarde in het verleden moeten zoeken, zal het slecht met hen gaan. Misschien doorbreekt Macedonië, ondanks de megalomane ideeën van bewindsvoerders, de vicieuze cirkel. Op de bladzijden die over dit land gaan kom je begrippen tegen als 'onderwijssubsidies, integratie, diversiteit, microkrediet, meertalige administratie'... Dat is toekomstgerichte terminologie die tolerantie en ontwikkeling veronderstelt. Steeds teruggrijpen naar de Servisch-Ottomaanse slag op het Kosovaarse Merelveld in 1389, zoals de Milošević-aanhang deed, is duidelijk een foute weg. Vraag het maar aan wie rust in massagraven of een sjofel vluchtelingenbestaan leidt.

De baai van Kotor in Montenegro
© Scriptor
Een academicus die veldwerker wordt brengt het beste van twee werelden samen! Als hij daarbij een begenadigde pen hanteert, verdient hij een plek tussen de Nederlandstalige collega's van de verhalende non-fictie, journalisten en reisauteurs die de lat in de loop van de jaren alsmaar hoger gelegd hebben!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij De Bezige Bij - 2014
 

6 februari 2016

Sinan Can - De Arabische storm

Verweesde thuislanden !


'De kern van de revolutie bestond uit mensen
die onzichtbaar geacht werden door dictators als Mubarak.'

Als je woord en beeld, leed en waarheid, naar de mensen wil brengen, moet je risico's durven te lopen. Onderzoeksjournalist en documentairemaker Sinan Can is bereid dat te doen. In 2011 ontsnapte hij nipt aan de dood toen in het Iraakse Kirkuk een bom ontplofte en dertig slachtoffers maakte.

Voor De Arabische storm reist hij opnieuw door landen waar je, meer dan elders, twijfelt of je de volgende dag haalt. In Tunesië, Libië, Egypte, Irak, Libanon en Syrië kan het gevaar komen van een granaat of een bom maar ook van de geheime dienst of een nare ziekte die je in een vluchtelingenkamp oploopt. Van die penibele levensomstandigheden getuigen de talloze mannen en vrouwen die Sinan Can op zijn pad vindt. Het opzet van dit boek is het aanbieden van een zo breed mogelijk spectrum aan persoonlijke verhalen waarin de grote context weerspiegeld wordt. Het is een andere vorm van journalistiek dan die in duidingsprogramma's en (meestal) in kranten bedreven wordt. Strijders, en burgers die een speelbal zijn van militaire opponenten of machtspolitici, krijgen een naam, een verleden, een ziel. Velen van hen blijven je bij: de sappelende vuilnisophaler in Caïro, een vader van een omgekomen militair of aanslagpleger, een moeder die naar de zee staart waar haar zonen wellicht in verdronken zijn, een getraumatiseerd jongetje in een geïmproviseerd onderkomen, Koerdische guerillameiden die over de dood praten zoals wij over de agenda van morgen...

Na het lezen van De Arabische storm zul je je nooit meer afvragen waarom iemand zo wanhopig is dat hij zichzelf in brand steekt of zijn leven in handen legt van een smokkelaar met een gammel bootje!

Betoging in Tunis
© The Graduate Center - City University of New York
Dat je betrokkenheid als lezer groot is, heeft alles te maken met de mens Sinan Can. Hoewel hij doelgericht is, zijn de ontmoetingen altijd groter dan zijn project. In de omgang met wie op zijn weg komt drukt hij frustratie, verdriet en solidariteit uit. Hij kust hoofd en hand van een oude Koerdische vrouw, wil fietsjes kopen voor kinderen in Noord-Syrië en neemt taartjes mee voor een Iraakse collega die een weeshuis heeft opgericht.

Toch hangt over de hele reis een gespannen sfeer, een alertheid voor gevaar dat vaker uit de hoek van stads- of grenspolitie komt dan van frontlijnen. Zelfs in Tunesië waar de revolutie enige vruchten heeft afgeworpen, wordt de reportageploeg opgejaagd, mag de vader van de Sousse-terrorist niet praten en wordt een internetcafébaas geïntimideerd. Mensenrechten voer je niet in als de lading van een havencontainer. Voorbij de Tunesisch-Libische grens en nog verder oostwaarts neemt de corruptie, de repressie, de rechteloosheid alleen maar toe.

Als de gesmoorde stemmen en de bloedende harten hem teveel worden, dan zoekt de journalist schoonheid en troost in de Middellandse-Zeekust of de onovertroffen Libanese keuken. Je kunt je niet constant met duisternis voeden! 

Toen de hoop nog zegevierde...
© Kodak Agfa Egypt
Toch heeft dit inzichtelijke reisverhaal, waar je warm én koud van krijgt, een beperking. Hoewel elke ontmoeting iets toevoegt aan het grotere geheel, worden de tientallen personages eerder aangeraakt dan uitgewerkt. De érg korte hoofdstukken stillen niet helemaal je lees- en leerhonger. Dat snel wisselende perspectief functioneert veel beter in de tv-documentaire waarvoor deze zoektocht in eerste instantie bedoeld is. Literatuur is een op zichzelf staand genre met eigen criteria. En wat de verhalende non-fictie betreft zijn we in het Nederlandse taalgebied ontzettend verwend! Volgende keer dus graag wat meer verdieping. Ook op die manier kun je 'een caleidoscopisch' boek maken!

Quotering: ***½

Uitgegeven bij Lebowsky - 2016