10 augustus 2016

S.K. Tremayne - Vuurkind

Waan en werkelijkheid in het raadselhuis !
 
 
'Ik meen zeker te weten dat zijn overleden moeder door het huis rondwaart.'
 
Wie zich de oude Britse TV-series zoals Inspector Dalgliesh, naar de boeken van P.D. James, herinnert vindt bij Vuurkind een gelijkaardige sfeer. Die wordt opgeroepen door desolate landschappen onder dreigende weersomstandigheden en geheimen van in de tijd gewortelde families en dito landhuizen. In de opvolger van De IJstweeling voert S.K. Tremayne David Kerthen, een telg uit een Cornish geslacht van mijneigenaars, op. Zijn voorouders hebben zich verrijkt op de kap van de witte slaven die in grote getale omkwamen in de tin-, koper- en ijzergroeven of dodelijk ziek werden. Daarbij hoorden ook kinderen die arseenzweren en andere aandoeningen opliepen. Zelfs nu de schachten en ondergrondse gangen alleen nog betekenis hebben als industrieel erfgoed heeft David zichzelf de levensopdracht meegegeven om de duizendjarige dynastie van de Kerthens voort te zetten. En als hij daarbij wordt tegengewerkt schroomt hij slinkse praktijken niet. Een Kerthen heeft nu eenmaal niet snel last van zijn geweten.

Wanneer zijn tweede vrouw, Rachel, na een snel beklonken huwelijk, in de mansion komt wonen en ontdekt dat haar man niet helemaal eerlijk is tegen haar en er ook in de andere richting argwaan ontstaat, ontspoort hun idylle. Bovendien jaagt Rachels stiefzoon, die in de toekomst lijkt te kunnen kijken, haar de stuipen op het lijf. Wanneer de grond als een eroderende zeeklif onder de voeten van de bewoners wegschuift, kondigt zich een catastrofe aan.

Historische mijn in Cornwall
© photoeverywhere.co.uk
Vuurkind is een erg persoonlijk boek. Het ademt liefde voor Tremayne's geboortegrond Cornwall maar ook boosheid om de mensonterende werkomstandigheden in de mijnen. Dat zijn eigen grootmoeder één van de bal maiden (kinderen die stenen met een hamer moesten splijten) was, draagt zeker bij aan de intensiteit waarmee hij het karakter van dit betoverende en tegelijkertijd gruwelijke schiereiland tot leven brengt.

Deze auteur is erop uit de geest van zijn lezers op alle mogelijke manieren te prikkelen. Zo zijn er ook de impliciete verwijzingen naar schrijvers die verwant zijn aan zijn personages. Er is dichteres Sylvia Plath en schrijfster Virginia Woolf, beiden met een kwetsbare psyche en een bestaan dat eindigt met zelfmoord. En voor wie goed oplet ziet parallellen met Daphne Du Mauriers Rebecca, ook bekend van de Hitchcock-verfilming. Niet toevallig spelen de romans van Du Maurier zich in Cornwall af. Het spreekt voor zich dat de authentieke S.K. Tremayne aan dit uitgangspunt een eigenzinnige draai geeft.

Land's End, de verste uithoek van Cornwall
© Pixabay
Net zoals in zijn eerste misdaadroman verleidt de schrijver je hier met een afwisseling van poëzie en beklemming. Uit zijn verbeelding ontstaat een rijk geschakeerde, unieke wereld. Daarbij wordt het aftasten van de randen van de menselijke geest meer en meer zijn handtekening. In 'het huis dat als een verguld kistje in een doornenlaag verscholen ligt' lopen waan en werkelijkheid op een intrigerende manier door elkaar. Vuurkind is ook allerminst een zwart-wit-verhaal. Als het op overleven aankomt bedienen we ons allemaal van kleine en grotere leugens!

Na de grensoverschrijvende lof die De IJstweeling te beurt was gevallen, had de man uit Cornwall de lat voor zichzelf erg hoog gelegd. Toch is deze opvolger, zo mogelijk, nog net iets sterker. S.K. Tremayne is een grand cru en een blijver!


Quotering: *****

Uitgegeven bij Prometheus - 2016
 

8 augustus 2016

Jane Casey - Na de brand

Een groot vuur ontstaat in een klein hoekje ! 
 
 
'Mensen moesten met hun tragedies leren leven !'
 
In Na de brand schrijft Jane Casey haar socio-politieke bezorgdheid van zich af. Daarvoor heeft ze een aftands flatgebouw gecreëerd waar kansarme, kwetsbare individuen binnen en buiten de grenzen van de wet proberen te overleven. Tussen deze randfiguren beweegt zich een gerespecteerde burger, een politicus met een dubbel gezicht. 'Dat was het leven: de ene persoonlijkheid uittrekken en de andere aandoen', stelt de auteur met enige bitterheid vast.

Wanneer in de woontoren brand uitbreekt en er slachtoffers vallen, komen rechercheurs Maeve Kerrigan en Josh Derwent, twee vertrouwde Casey-karakters, in actie. In de achterstandswijk wordt de politie op argwaan en zelfs agressie onthaald, niet alleen door verdachten maar ook door mogelijke getuigen. Net zoals probleembuurten in andere grote steden is deze Londense wijk, voor wie blauw draagt, een bijna-no-go-area. Dankzij het jachtinstinct van Maeve en de doordouwersattitude van Josh wordt het langzaam duidelijk hoe een omgevallen dominosteen een cascade van tuimelende blokjes uitlokt. Als de rook is opgetrokken komen er mensen met erg onfrisse kantjes tevoorschijn.

Jane Casey is op haar best als ze haar maatschappelijk engagement verwoordt. Slachtoffers van huiselijk of ander geweld, een uitgerangeerde oude vrouw, de populistische politicus... allemaal roepen ze verontwaardiging op. Personages of instanties die hun verantwoordelijkheid ontlopen kunnen niet op haar begrip rekenen. Ook voor het politiecorps is ze kritisch. Het is niet omdat iemand een uniform draagt dat hij het juiste doet. 'We hebben allemaal dezelfde badge maar dat is alles', laat ze Maeve zeggen.

© George Hodan
Maar een misdaadverhaal moet veel meer bieden dan een levenshouding. En daar wringt het schoentje. Over een geslaagd rechercheverhaal zeg je dat het een strak, boeiend, verrassend plot heeft en gedragen wordt door geloofwaardige, aansprekende karakters. Na de brand scoort op al deze punten een onvoldoende. De aanloop is te lang, het geheel mag compacter, de spanningsboog is te slap, de scènes missen vaak een dwingende kracht. Dat heeft deels te maken met de eindeloze dialogen die bovendien niet vrij zijn van clichés en vaak geforceerd aandoen. Hoe hard een schrijfster haar best doet mag de lezer niet merken. Bij Jane Casey ben je je constant bewust van haar transpiratie aan de werktafel. De kattende omgangstaal tussen Maeve en Josh, die bedoeld is als spanningselement, is daar een voorbeeld van. Je ervaart ze als overdreven en gekunsteld. De psychologie van hun relatie overtuigt niet. Het is niet aannemelijk dat je een man - zelfs een weinig tactvolle, ongepolijste persoonlijkheid als Derwent - die rücksichtlos voor je in de bres springt, aan één stuk door afsnauwt.

Deze misdaadroman is niet slaapverwekkend maar ook niet beklijvend. Wie trouwens meent een boek van 370 bladzijden te mogen vullen moet uit zeldzaam hout gesneden zijnCasey's hout zorgt in elk geval niet voor de uitslaande brand die ze voor ogen had!


Quotering: ***

Uitgegeven bij Ambo Anthos - 2016
 

25 juli 2016

Elena Ferrante - De geniale vriendin-My brilliant friend

Waar het recht van de sterkste heerst, is de liefde afwezig !

Engelse editie
'...there are no gestures, words or sighs
that do not contain the sum of the crimes
 the human beings have committed and commit.'
 
Een halve eeuw geleden heerste er in de volkswijken van Napels een rauwe sfeer. Net zoals in andere onfortuinlijke oorden gold ook daar: wie arm is kent geen mededogen en wie wil overleven moet vechten. Dat betekent dat de personages, mannelijke én vrouwelijke, in dit eerste deel van het vierluik rond de Zuid-Italiaanse havenstad geen lieverdjes zijn.
 
Lila en Elena groeien op tussen scheldende en klappen uitdelende vaders, broers en buurtjongens. Toch doet Lila niet onder voor de mannen. Als haar grote mond de ander niet op zijn plaats kan zetten, gooit ze met scherpe keien of trekt ze een mes. Beide meiden zijn intelligent maar ook voor het recht op scholing moet er gestreden worden. Omdat Elena thuis net iets meer rugdekking krijgt, is zij degene die verder studeert. Hoewel hun wegen niet gelijk lopen en ze elkaar met tussenpauzes loslaten, blijkt er toch een vanzelfsprekende, onverbrekelijke band tussen hen te bestaan.
 
De geniale vriendin-My brilliant friend is dan ook in de eerste plaats een verhaal over een complexe maar rijke vriendschap die allerlei vormen van druk kan weerstaan. Dat beiden blijven dromen in een illusieloze wereld, is een bindende factor. Daarnaast is het een portret van een sociale context die mensen tot het uiterste drijft. Bovendien stelt zich de vraag of je een geweldscultuur, die van de ene op de andere generatie wordt doorgegeven, kunt doorbreken.
 

Elena Ferrante staat erom bekend dat ze een genadeloos oog heeft en dat durft te laten spreken. Haar pen kerft in de menselijke ziel. Zonder schroom benoemt ze onze meest duistere kanten. Jaloezie is een terugkerend thema in haar werk. En haar voorbeelden gaan verder dan de naijver die je voor een rijkere of succesvollere medemens kunt voelen. Zelfs binnen de grootst mogelijke vriendschap, zoals die tussen de buurmeisjes, is er ruimte voor afgunst en gemene trekjes. Hoe sterk beide karakters ook zijn, Ferrante is te nuchter en te eerlijk om ze op een voetstuk te plaatsen. Het vermogen om te confronteren is haar grootste kracht!
 
'If love is exiled from cities, their good nature becomes an evil nature', is een allesomvattende zin in dit boek. In de armoedige buitenwijk van Napels waar deze schrijfster haar personages tot leven brengt, verdringt machismo, eergevoel en verbittering de kans om anderen lief te hebben. Elk sprankje hoop hierop wordt de kop ingedrukt door een permanent gistingsproces. Net zoals de Vesuvius in vroegere tijden kokende lava over de streek uitbraakte, zo bereiken in De geniale vriendin-My brilliant friend onderlinge relaties steeds opnieuw het kookpunt. Het is aan Lila en Elena om de brandwonden te beperken. Maar een overlevingsstrategie houdt niet altijd rekening met ethische grenzen... 
 
 
Quotering: ****½
 
Uitgegeven bij Europa Editions 2012 - Nederlandstalige editie Wereldbibliotheek 2015
 
 

15 juli 2016

Claudia Piñeiro - De goedheid van vreemden

De test van het noodlot !
 
 
'Als je het van de goedheid van vreemden moet hebben,
ben je alleen op de wereld.'
 
Als je jezelf niet wil verliezen in een pijnlijk verleden dan moet je op een dag de moed verzamelen om de confrontatie aan te gaan. In het geval van de Argentijnse Maria Elena Pujol wordt die pijn veroorzaakt door een twintig jaar oude wonde en het zelfverwijt van een moeder die haar zoon in de steek heeft gelaten. Met een hart dat in haar schoenen zinkt neemt ze het vliegtuig van New York naar Buenos Aires. 'Om een privéschool door te lichten', heet de professionele opdracht. Maar alleen zij weet dat op die plek haar demonen wachten. Wil ze haar persoonlijke missie tot een goed einde brengen, dan zal ze zich uiterst kwetsbaar moeten opstellen. Alinea na alinea beleef je haar gevecht met een geest die op het ene moment naar de kern wil gaan en er op het volgende ogenblik van wil wegvluchten. De stress die uit dit conflict voortkomt is meteen invoelbaar.
 
In De goedheid van vreemden leidt een reeks van toevalligheden tot een onomkeerbaar drama. De componenten hiervan zijn een spoorwegovergang, een wat gammele auto en twee kleine kinderen. Toch stelt zich de vraag waar toeval eindigt en verantwoordelijkheid begint. 'Er zijn moeders die geluk hebben en niet door het leven aan dat soort tests onderworpen worden', hoor je Maria zeggen. Omdat de microkosmos van partner en dorp erg snel met een kort-door-de-bocht-oordeel komt, geraakt ze in een isolement. Maar er komt een dag waarop ze sterk genoeg is om de rollen om te keren en van het slachtoffer een vrouw te maken die haar leven weer in handen neemt.

Claudia Piñeiro heeft een krachtige stem. Die wordt gevoed door scherpe observaties en analyses, oog voor details, visuele close-ups (ze is ook scenarioschijfster) en een taal die ontdaan is van franjes. Aan één beeld kan ze een hele wereld ophangen. Zo is de blik op een hand in staat om het plot in een stroomversnelling te brengen. Ook hoe ze de dreigende ondergang van de opgesloten vleermuis gebruikt om Maria's trauma los te weken, is knap bedacht.

 
Een andere overtuigende vondst is de selectie boeken die Robert, haar nieuwe man, haar aanbiedt. Stuk voor stuk dragen ze bij aan het helingsproces van de beschadigde ziel. Er is, bijvoorbeeld, Tramlijn begeerte van Tennessee Williams, beter bekend onder de filmtitel A streetcar named desire. Deze stomende prent leverde Marlon Brando in '52 een eerste Oscarnominatie op. Maar met het machismo van het Amerikaanse zuiden kan Piñeiro niet zoveel. Hedendaagse auteurs leggen liever hun focus op kwetsbaarheid en tegelijkertijd op weerbaarheid. De ineenstorting van Blanche Dubois, de vrouwelijke tegenspeelster, ligt in de 21ste eeuw niet meer voor de hand. '...ik lijk niet op haar', concludeert Maria terecht. En dat is precies wat Robert wil horen.

Ook de titel van deze Argentijnse roman is ontleend aan een uitspraak van Blanche. Maar terwijl de tragische femme fatale deze woorden een cynische lading gaf, krijgen ze van Piñeiro een hoopvolle betekenis. Wie Robert 'te goed om waar te zijn' vindt, mag eens kijken naar de opdracht voorin.
 
Dit boek gaat over véél: over de troost van literatuur en de spiegel die ze kan bieden, over wat een geschreven niet-professionele tekst vermag, over diverse vormen van dood en zelfdoding, over twee mensen die denken elkaar niets te bieden te hebben terwijl ze alles te geven hebben, over de goedheid van vreemden die even zuurstofrijk is als de liefde van een bloedverwant. Dit boek gaat zelfs nog over véél meer...
 
 
Quotering: ****
 
Uitgegeven bij Atlas - 2016
 

10 juli 2016

Simone van der Vlugt - Rode sneeuw in december

Het Wilhelmus van de Watergeuzen !
 

 'Maar het leven heeft hem al op jonge leeftijd geleerd geluk te wantrouwen.'

Hoewel de 14de eeuw met de ravages die pestepidemies en de Honderdjarige Oorlog aanrichtten, de geschiedenis is ingegaan als 'de waanzinnige', kun je dat label evenzeer kleven op de tweede helft van de 16de eeuw toen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden gebukt gingen onder de furieuze Spaanse repressie en dezelfde verwoestende ziekte. Deze invalshoek heeft Simone van der Vlugt op een indrukwekkende manier uitgewerkt in haar historische roman Rode sneeuw in december.

De 'ijzeren' hertog van Alva, die als landvoogd in dienst van de Spaanse koning Filips II een waar terreurbewind voert, en Willem van Oranje-Nassau, de kwetsbare prins die het met beperkte middelen moet opnemen tegen de Iberische overmacht, zijn de belangrijkste non-fictiefiguren in dit verhaal. Daarnaast nemen de arts Andries Griffioen, zijn vrouw Lideweij Feelinck, de dochter van een lakenhandelaar, en hun oudste kind Isabella, het fictiegedeelte voor hun rekening. Wanneer in beide Nederlanden het protestantisme terrein wint, voelen de katholieke Spanjaarden hun greep op dit gewest verslappen en sturen inquisitoren en legereenheden naar het noorden.

Slot Dillenburg in Hessen (1655), waar Willem van Oranje geboren werd.
Al van op de eerste bladzijden kun je je tegoed doen aan een veelheid van kleine en grote geschiedkundige weetjes die dit verre verleden via al je zintuigen oproepen. Omdat de kennis van de lezer zeer beperkt is, vraagt een geschiedkundige vertelling, meer nog dan een 'gewone' roman, om elementen die scènes tot leven brengen. Research moet de auteur daarbij helpen. Simone van der Vlugt staat erom bekend dat ze als een perfectioniste haar huiswerk maakt. In Rode sneeuw in december heeft deze werkattitude, gekoppeld aan de kracht van haar verbeelding en taalvaardigheid, bijzonder veel opgeleverd! Of het nu gaat over het beleg van steden als Haarlem en Alkmaar, het heldhaftige verzet van poorters en geuzen, gebruiksvoorwerpen en kleding, medische kennis en onwetendheid of het harde labeur van werkers in de lakennijverheid... altijd sta je midden in het gebeuren. En anders dan in doorsnee historische romans wordt de lezer ernstig genomen en schuwt de schrijfster de bredere politieke context niet. Bovendien vormen het feitenmateriaal en de ontwikkeling van de personages een geolied geheel.

Dat geschiedenis zich in essentie herhaalt is een bekend maar ook tragisch gegeven. Met verbijstering stel je vast dat religieuze (en andere) onverdraagzaamheid, machtswellust, de kick die het pijnigen van de medemens bij velen teweegbrengt, het feesten van moordenaars tussen het bloed van pas afgeslachte stedelingen... moeiteloos naar de huidige tijd kunnen verplaatst worden. Gemarteld en geëxecuteerd worden om je denkbeelden en uitspraken is helaas dagelijkse kost in 21ste-eeuwse dictaturen. Maar de nauwgezetheid van deze auteur laat ook fijntjes zien dat aan de morele keuzes van fatsoenlijke burgers een luchtje kan zitten.

Met Rode sneeuw in december treedt Simone van der Vlugt in de voetsporen van de (veel te snel vergeten) P.C. Hooft-prijswinnaar Theun de Vries die meeslepende verhalen koppelt aan invoelbare personages en een achtergrond van genadeloze gebeurtenissen. En net zoals de geuzen het Wilhelmus voor hun leider schreven, verdient deze Noord-Hollandse voor dit werkstuk van internationale klasse de waardering van spraakmakende media!


Quotering: *****
 
Uitgegeven bij Ambo Anthos - eerste editie 2012 - pocketeditie 2016
 

9 juli 2016

Kees Sluys - De ontdekking van Dafne

Een topper is niet uit Ikea-hout gesneden !
 
 
'Ik vind het ook raar als atleten weinig van hun geschiedenis weten.'
(Rutger Smith)

Een beetje auteur of musicus kent zijn klassieken en is er trots op deel uit te maken van een traditie. Sporters hebben meestal wel één of enkele helden waar ze naar opkijken maar zelden een globaal zicht op wie hen voorging. Misschien leven atleten meer in het moment dan beschouwende kunstenaars...

Schrijvers van sportboeken kunnen die leemte opvullen. Met zijn ruim gedocumenteerde geschiedenis van de tienkamp, Snel, hoog, ver (2008), bracht journalist Kees Sluys technische ontwikkelingen, prestaties en drama's van deze discipline tot bij kenners en geïnteresseerde leken. Nu kleurt hij met De ontdekking van Dafne het atletiekverleden verder in.

Dat Dafne Schippers de titel en de cover van deze bundel over Nederlandse sporthelden opeist, ligt voor de hand. De fenomenale sprintster is in de voetsporen getreden van Tinus Osendarp, die in vooroorlogse tijden de snelste blanke ter wereld was. Toch ligt er tussen toen en nu meer dan een tartanbaan verschil. Tot lang na de Tweede Wereldoorlog waren de trainingsomstandigheden beroerd en ondersteuningsprogramma's of sponsoring onbestaande. Het waren decennia zonder dikke kussens, met stalen polsstokstokken, gaten in de sintelbaan, geen sporthallen en dus geen wintertraining, een vulpen als podiumprijs... De heroïek van toen had een ander gezicht dan de heldhaftigheid van nu. Hij was tragischer omdat de atleten en ongelijke strijd aangingen met hun tegenstanders uit Oost-Europa die verbouwereerd naar het Nederlandse amateurisme keken. Ook toen de Hollandse atleten meer rugdekking kregen, bleven de verhoudingen ongelijk. Het D-spook had zijn intrede gedaan. Toppers als Jos Hermens, Ellen van Langen, Rutger Smith... werden medailles, finaleplaatsen en nieuwe kansen ontnomen door pillen en bloeddoping.

Flying Dutchwoman Dafne Schippers
© Getty Images.jpg
Dat een individuele sport alleen de schijn heeft van individualiteit en sport niet los staat van de brede maatschappelijke context, wordt in dit boek helder gemaakt. Dictatoriale regimes offeren de gezondheid van hun atleten en alle morele codes op voor vlag en volkslied. (En laten we in deze tijd ook het megalomane, fascistische Turkije aan dit lijstje toevoegen! mv). Het is verbazingwekkend dat er over het IJzeren Gordijn heen atletenvriendschappen ontstonden. Bij andere gedupeerden, zoals Rutger Smith, overheerst de begrijpelijke bitterheid. Ook na de val van de muur grepen velen naar verboden middelen. 

Het is bovendien godgeklaagd dat regimes van allerlei strekking politieke statements maken op de rug van sporters en op die manier hun belangrijkste doelen (zoals de O.S.) in een paar uur van de kaart vegen. Toch hoeft de invloed van de samenleving niet negatief te zijn. Als sponsorgelden en televisieaandacht zich laten gelden, neemt de uitstraling van een atleet en zijn sport exponentieel toe.   

Maar het echte brandpunt van De ontdekking van Dafne is natuurlijk de loper-werper-springer, niet alleen zijn prestaties maar ook de mens die de drijvende kracht is achter de winnaar. Uitzonderlijke individuen zijn vaak niet de makkelijksten, strenger nog voor zichzelf dan voor anderen. Daarbij kunnen feiten in de marge heel wat verduidelijken: zo was tienkamper Eef Kamerbeek, 'een man die niet veel tegenspraak duldde', marinier tijdens zijn militaire dienst en liep zijn disciplinegenoot Jan Brasser de 1500m - bekend als de martelafstand - met een blauwe voet. En stoere Dafne haalde ooit een medaille met een migrainekop.

Zoals je van een journalistiek boek mag verwachten, is De ontdekking van Dafne meer dan een hall of fame. De nieuwste Kees Sluys gaat over de kracht van ambitie en het lot in eigen handen willen nemen maar evenzeer over buigen voor wat sterker is. Als een sporter moet leren winnen én leren verliezen, dan kan terugkijken daarbij helpen. De vlucht van Lissabon naar Rio duurt meer dan negen uur...

 
Quotering: ****

Uitgegeven bij Nieuw A'dam - 2016
 

13 juni 2016

Sándor Márai - De nacht voor de scheiding

Een wereld valt uiteen !


'De mensen houden vast aan de wet die hun leven bestuurt.'
 
De teloorgang van het Oostenrijks-Hongaarse Rijk was voor heel wat onderdanen een klap die ze niet meer te boven kwamen. Als verliezende partij aan het eind van WO I en onder druk van nationalistische bewegingen viel de multiculturele natie in 1918 uit elkaar. Vooral de hogere klasse in Oostenrijk en Hongarije verloor daarbij een sociaal-cultureel leven en status waarnaar ze altijd met heimwee zou terugverlangen. Schrijvers als Joseph Roth en Sándor Márai hebben hun oeuvre rond die niet aflatende nostalgie opgebouwd.

Kristóf Kőmíves, de hoofdpersoon uit De nacht voor de scheiding, is een stand en plichtsbewuste echtscheidingsrechter uit Budapest die in varkensleer gebonden wetboeken om zich heen heeft. In de wereld van de rechtbank, die hij kent van zijn vaders carrière, voelt hij zich veilig. '...de omgangsvormen, de discipline, de verhouding tussen ondergeschikte en superieur, ja zelfs de inrichting en atmosfeer van de rechtszalen' voelen vertrouwd aan. Het vooroorlogse universum is niet helemaal weg. Toch moet Kőmíves toegeven dat 'de tijdgeest hem beledigd heeft'. Nieuwerwetse begrippen als 'vriendschapshuwelijk' en 'proefhuwelijk' doen hun intrede. 'Het gezin maakte een besmettelijke, acute ziekte door', zo klinkt zijn gemor.

Buiten de nieuwmodische tijden met een jeugd, die zich overgeeft aan 'frivole dansmuziek' en het leven dat 'een wedloop' is geworden, sluipt er nog een gevaarlijker spelbreker het leven van Kőmíves binnen. Wanneer hij het nachtelijk bezoek krijgt van een vroegere medescholier, Imre Greiner, worden zijn vermeende steunpilaren zonder enige schroom onderuit gehaald. Menselijke driften laten zich niet in wetten en regels vangen. Dokter Greiner is op zoek naar een biechtvader die hij tegelijkertijd aanklaagt. En de wetboekvaste rechter heeft geen pleitrede voorhanden.

Budapest: zicht op de Buda-wijk aan de overkant van de Donau,
een locatie uit 'De nacht voor de scheiding'
© Scriptor
Hoewel dit boek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog speelt, kijkt Marai, op een korte passage na, niet vooruit maar des te meer achteruit. Daarbij moet zijn hoofdpersoon onderkennen dat het vangnet uit zijn jeugd gaten vertoont. Bovendien biedt de geaardheid van het individu evenmin ruggensteun. De kwakkelende gezondheid van de midlife-man maakt het beeld van onmacht en teloorgang compleet. Het woord 'scheiding' in de titel van dit boek heeft dan ook een meervoudige betekenis.

In deze kleine roman benoemt Sándor Márai op indrukwekkende wijze allerlei vormen van verlies: een natie die als familie voelde, een wereldorde die op z'n minst schijnvastigheid bood, de liefde die even ongrijpbaar is als een bolletje kwik en de eigen ziel die een troebel water is.

Deze Hongaarse grootheid is de ongekroonde observator-analist van de condition humaine. Mocht hij nu leven, dan zou hij ook de ronddobberende mens tekenen. En net daarom is deze in 1900 geboren schrijver nog bloedactueel!


Quotering: ****½

Uitgegeven bij Wereldbibliotheek - 2006 & Rainbow - 2013

10 juni 2016

Hilde Vandermeeren - Scorpio

Het verraad van een roos !
 

'Dit was haar territorium,
haar anonieme koninkrijk van waaruit ze regelde wie wanneer zou sterven.'   
 
Als je, zoals Fabienne, suppoost bent in het Louvre, of zoals haar vriend Claude, portier van een luxewinkel, dan 'loop je het risico te sterven van verveling'. Om hun hartslag te kunnen voelen, dalen deze Parijse personages uit Scorpio clandestien af in het dodenrijk zoals je het ondergrondse gangenstelsel van de Franse hoofdstad zou kunnen noemen. Daar kom je niet allleen stinkende riolen met ratten tegen maar evenzeer talloze beenderen en schedels van 18de en 19de eeuwse overledenen waarvoor geen plek meer was op de overvolle kerkhoven van de stad.

Wie ook probeert de volgende dag te halen is Michael, een huurmoordenaar die het tunnelcomplex als vluchtroute gebruikt. In de 280km lange catacomben kun je makkelijk verdwalen of een instortend gewelf op je kop krijgen. Toch dreigt er nog groter gevaar. Toen hij onlangs een opdracht weigerde heeft hij de toorn van Dolores, de genadeloze manager van de moorden op bestelling, over zich afgeroepen. Dat moment van zwakte - of noem het 'de stem van het geweten' - heeft alles te maken met Lukas, het zoontje van Gaelle en Bernd. Hun zekerheden komen in een mum van tijd helemaal op de helling te staan. Na een traumatiserend moment thuis wordt Gaelle wakker in een psychiatrisch ziekenhuis waar ze overgeleverd is aan sceptische artsen en politiemensen. Maar de vroegere topatlete is een vechter.

Een muur van botten en schedels in de Parijse catacomben
© Marianne van Exel 
Scorpio is een langgerekte sprint tussen vluchtenden en achtervolgers waarbij het recht van de sterkste beslist over winst of verlies. In vergelijking met haar vorige boeken heeft de toon van Hilde Vandermeeren zich verhard. En zoals het past bij een regelrechte actiethriller heeft ze het verteltempo flink opgedreven. Vrij korte, filmische scènes en snel veranderende locaties houden de intrige op snelheid. De spanning, daarentegen, komt voort uit de machteloosheid van haar personages, het gevoel door iedereen verlaten te zijn maar ook uit het opvoeren van een astmatisch jongetje of de bikkelharde en onbenaderbare Dolores die zich in een safe house heeft verschanst en natuurlijk het op tijd en stond serveren van een cliffhanger.

Voor de liefhebber van stroomstoten en hartkloppingen is Scorpio een moeilijk weg te leggen boek. Maar de schaduwkant van een actieplot is dat het genre weinig gelegenheid biedt tot verdieping. Je kunt niet hollen en stilstaan tegelijk! Dat betekent dat de karakters vrij vlak blijven, geen ontwikkeling doormaken en dat maatschappelijke achtergronden weinig ruimte krijgen.

Die beperkte reflectiemarge wordt door de schrijfster wel goed benut. De attente lezer ziet in Scorpio een verhaal over licht en donker, over letterlijke en figuurlijke spelonken, over een parallelle - maar reële - wereld waarin alle grenzen van de moraliteit overschreden worden. Uit de catacomben kun je nog ontsnappen, het schimmenrijk van het kwaad laat je nooit meer gaan. 'Er zijn tientallen mensen die in opdracht van een of ander dierbaar familielid vroegtijdig op het kerkhof terechtkomen', kun je lezen. Zelfs een spijtoptant als Michael heeft voor de rest van zijn jaren een beladen ziel. En het etiket 'schuldige' kleeft niet alleen op wie het wapen hanteert.

De bijnaam van Michael is 'de kameleon',
het dier dat als overlevingstruc van kleur kan veranderen.
© JialiangGao
Deze Westvlaamse doet ook altijd iets moois met details. Hier is dat, onder meer, het moederdagknutselwerkje van Lukas, de blinde butler, een vlag die halfstok hangt en de genetisch geteelde roos met de uitzonderlijk lange doornen. Die laatste spiegelt niet alleen in de persoonlijkheid van Dolores maar roept ook het beeld op van tegenstrijdigheden in de aard van het individu. Het aantal bloeddorstige legerofficieren en sadistische dictators die elke dag een verse roos op hun werktafel hebben staan of poëzie schrijven, zou niemand te eten willen geven.

De gediplomeerde psychologe Hilde Vandermeeren weet ook dat gedrag altijd ergens vandaan komt. En daarbij zijn jeugdervaringen zéér bepalend. Aan de conclusie dat noch het goede, noch het kwade de wereld ooit zullen verlaten ontsnapt niemand.

Hoewel de auteur deze keer een ander stijlpad heeft genomen, herken je de constante in haar werk: ze is zo muurvast dat je de indruk krijgt dat het verhaal zichzelf vertelt! Die Gouden Strop-nominatie mag een keer verzilverd worden!


Quotering: ****

Uitgegeven bij Q - 2016
 

9 juni 2016

Simone van der Vlugt - Vraag niet waarom

Wie confrontaties aangaat zet stappen !
 

'Soms is stilte een beter pressiemiddel om iemand aan het praten te krijgen
dan een eindeloze reeks vragen.'

Ook in dit derde deel van de zéér onderhoudende Lois-trilogie beïnvloedt het persoonlijke het maatschappelijke en omgekeerd. Deze keer focust Simone van der Vlugt op het verband tussen een psychische stoornis, een emotioneel beschadigende opvoeding en gewelddadig gedrag. Daaraan wordt de verantwoordelijkheidsvraag gekoppeld: die van een zus voor haar broer, die van ouders ten opzichte van kinderen, die van de samenleving ten aanzien van zwakkere individuen. En net zoals in de vorige delen is Lois de betrokken rechercheur die zich in de harten van de lezers nestelt. Omdat ook zij een afwezige vader en moeder had, komt het innerlijke gevecht van de boosdoeners wel erg dicht bij. Aan de ene kant zou ze een arm om hen heen willen slaan en anderzijds moet misdaad bestraft worden...een realistisch en uitdagend gegeven!

© Pixabay
Sinds het begin van deze Lois-reeks maakt de schrijfster duidelijk dat het loont om je te laten bijpraten door echte speurders. Op deze manier voeg je originaliteit toe aan een beproefd genre en geef je je doelpubliek nieuwe weetjes mee. De ondervragingen, de instructies aan collega's in opleiding, de dialogen tussen politiemensen onderling... voelen erg waarheidsgetrouw aan. Overtuigende quotes zoals het citaat boven dit stukje of 'Daar begint rechercheren toch mee? Scenario's bedenken?' versterken de indruk dat je midden in de blauwe wereld staat. Bovendien krijg je inzicht in de vraag welk soort politiewerk resultaat oplevert. Dan kom je uit bij het opbouwen van een archief, computerprogramma's die je helpen om door het bos de bomen te zien, het interpreteren van feiten, dat mensenwerk is, en de psychologische expertise waarvoor de auteur psychiater Onno bedacht heeft. Onno kan daarbij in één moeite de emotioneel vastgelopen psyche van Lois onder handen nemen.

Simone van der Vlugt heeft weer eens bewezen dat de combinatie van huiswerk maken en een bovengemiddelde verbeelding voor uiterst prettige leesuren kan zorgen. Voor levendigheid, het juiste ritme en het in elkaar schuiven van structuuronderdelen ben je bij haar steeds aan het juiste adres. Je laten stilstaan en nadenken doet ze ook altijd. Bijvoorbeeld over hoe je jezelf harder kunt straffen dan justitie dat kan. En die pamperende Onno, Simone, bestaat die echt? Zo ja, graag adres en telefoonnummer in het volgende deel! Met of zonder zeilboot, dat maakt niet uit...


Quotering: ****

Uitgegeven bij Ambo Anthos - eerste editie  2014 - grote pocket 2016
 

8 juni 2016

Simone van der Vlugt - Morgen ben ik weer thuis

Achter de horizon wacht een ander leven !
 

'Rechercheren is niet altijd een kwestie van actief bezig zijn.'
 
Op het eerste gezicht lijkt Morgen ben ik weer thuis op een oog-om-oog-tand-om-tand-verhaal met een kind als inzet. De elfjarige Britt heeft niet alleen gescheiden ouders maar moet ook omgaan met de draaideurdelinquent die haar vader is. Wanneer ze na de turnles voor getalenteerden niet thuis komt, rinkelen de alarmbellen bij moeder en recherche. Omdat vader Roy achter gesloten deuren zit, valt de verdenking niet meteen op hem. Dat verandert wanneer hij ontsnapt blijkt te zijn.

Omdat een aparte vertellijn bedacht is voor het pad dat Roy en Britt volgen, krijgt de lezer de kans om een band op te bouwen met de verdachte en beetje bij beetje inzicht te krijgen in de relatie tussen vader en dochter. Morgen ben ik weer thuis is een roadmovie vol benauwende situaties die de dapperheid van een meisje en de zachte kant van een ijskoude crimineel te voorschijn haalt. Terwijl het jagende politieteam hen op hun vlucht door Nederland en Duitsland op de hielen zit, kleurt de invoelende rechercheur Lois Elzinga, die deze serie draagt, (Zie deel I: Aan niemand vertellen), nog steeds niet binnen de lijntjes en durft ze nog altijd haar eigen demonen niet onder ogen zien. Op een aantal momenten is zij de spiegel van wat Simone van der Vlugt heeft opgestoken van de veldrechercheurs Serhat Basoglu en Marco Visser die geholpen hebben om van Lois en haar collega's geloofwaardige personages te maken (Zie toelichting aan het eind van elk boek). Opmerkingen zoals het citaat boven dit stukje getuigen hiervan. Op die wachtmomenten last de auteur scènes uit het privéleven van Lois in. Daarbij valt het op dat ze, geheel in overeenstemming met haar jeugdervaringen, een zéér weifelende houding aanneemt tegenover een kandidaat-geliefde.

© Pixabay
Wat de psychologie van de karakters betreft zit je bij deze schrijfster altijd goed. In dit boek toont ze aan dat relaties niet éénduidig zijn. Kun je houden van een criminele vader? Kan een asociale man om zijn dochter geven? Mag die dochter blij zijn met eigenschappen die ze van hem geërfd heeft? Dat zijn vragen die je uit je comfortdenken halen. Bovendien heeft Simone van der Vlugt het Lois-personage bij dit vader-dochterthema betrokken. Ook de kordate politievrouw heeft een afwezige ouder die steken heeft laten vallen. Of ze de moed zal hebben dit emotionele laadje open te trekken zullen we zien in deel drie van deze vervolgreeks.

In deze Lois-kroniek is de combinatie van emotie en doordenkertjes een bindend element tussen de lezer en de fictieve bekenden die steeds meer aanvoelen als de vriendinnen met wie je een flesjes kraakt of de buurman die je uitnodigt voor een paar hardlooprondjes in het park. Nadat Aan niemand vertellen voor een indrukwekkende kennismaking heeft gezorgd, maakt dit mooi uitgebalanceerde tweede luik je nieuwsgierig naar de opvolger!


Quotering: ****

Uitgegeven bij Ambo Anthos - eerste editie 2013 - grote pocket 2016
 

4 juni 2016

Simone van der Vlugt - Aan niemand vertellen

Onbetrouwbare bondgenoten ! 
 

'De buitenwereld ziet wat ze wil zien:
een aantrekkelijke jonge vrouw, vriendelijk en behulpzaam.'

Toen Simone van der Vlugt, enkele jaren geleden, het besluit nam om een serie te gaan schrijven, heeft ze van bij de start de lat erg hoog gelegd. Hoe ver haar ambitie reikte zie je in Aan niemand vertellen, het eerste deel rond politievrouw Lois Elzinga. Om een geloofwaardig en goed gestoffeerd speurdersverhaal te kunnen schrijven verdiepte ze zich in een complexe psychische stoornis en nam ze twee teamchefs van de regionale recherche Noord-Holland Noord onder de arm.

Maar een fictieboek begint met een attractieve hoofdpersoon. Om haar in de verf te kunnen zetten plaatst Simone van der Vlugt het nuchtere professionele milieu van Lois tegenover de zwevende gefortuneerden uit de entourage van haar zus Tessa. Het snobisme van de aangetrouwde familie wordt trouwens erg gevat en vermakelijk verwoord. Bovendien heeft de schrijfster Lois en Tessa een emotioneel belastend verleden meegegeven. Wat de recherchevrouw betreft, zorgen een stoere buitenkant en een broos binnenste voor een interessant spanningsveld!

Als even voor Kerst het verminkte lijk van een jonge man gevonden wordt, gaat het team dubbele diensten draaien en weet Lois niet meer wat een sociaal leven is. Pas wanneer zich een tweede slachtoffer aandient, beginnen de gebundelde krachten iets op te leveren. Op dat moment doet de auteur een gedurfde zet: terwijl de politiemensen nog in het duister tasten, vertelt ze de lezer wie de moordenaar is en geeft de dader zelfs een doorslaggevende stem. Gaandeweg begrijp je het waarom van deze keuze. Ze heeft alles te maken met het tot leven wekken van een gecompliceerde geest die het plot aanstuurt.

Niet iedereen woont in een prettig hoofd!
© Pixabay
Aan niemand vertellen gaat over beschadigde vrouwen en hoe ze met die pijnlijke herinneringen omgaan. Allemaal nemen ze hun toevlucht tot vormen van vluchtgedrag. Soms is die noodoplossing alleen kwalijk voor henzelf, in andere gevallen ook voor de samenleving. 'Daar zat de ergste pijn': het feit dat de jongen die jarenlang deel heeft uitgemaakt van haar nachtmerries, haar niet eens had herkend,' zo laat Simone van der Vlugt de schuldige die tegelijkertijd slachtoffer is, naar zichzelf kijken. Dat ook Lois een geschonden ziel heeft, maakt haar ontvankelijker voor het correct uittekenen van dit daderprofiel. TBS biedt andere mogelijkheden dan doorsnee gevangenschap. In hoeverre een mens verantwoordelijk is voor zijn handelingen is een vraag die in dit boek een nieuwe dimensie krijgt. En in de marge van de grote lijnen blijft het beeld hangen van één van de meest tragische vriendschappen die je je kunt voorstellen.

Zoals we van haar gewend zijn oogt ook hier de stijl van deze schrijfster fris en scherp. Ze pakt je in met slimmigheidjes en gedegen research. 'Onderhoudend' is een understatement voor een boek dat je niet weg kunt leggen. Na het omslaan van de laatste bladzijde kun je alleen maar concluderen dat de psychologische misdaadromen een fascinerende invalshoek rijker is. Hoe Simone van der Vlugt dit perspectief verliteratuurt verdient een vet compliment! Lois heeft vast een portie smeuïge oliebollen over voor de vrouw die haar op sleeptouw neemt!  

Quotering: ****½

Uitgegeven bij Ambo Anthos - 2012 (eerste editie) - 2016 (grote pocket)
 

3 juni 2016

Virginia Baily - Op een ochtend

     Een speling van het lot ! 
 
 
'Die hoeft niet eens in een getto te zijn. Het getto zit in hem.' 
 
Een moment, een situatie, een keuze. Of je links- of rechtsom gaat kan een immens verschil maken. Dat ervaart Chiara Ravello wanneer ze in het bezette Rome van '43 door het joodse getto loopt. In een opwelling haalt ze, met instemming van de moeder, een jongen uit de vrachtwagen die klaar staat om naar een vernietigingskamp te rijden. Aan kleine Daniele wordt niets gevraagd. Dat je een kind niet zo maar verkast, blijkt uit de jaren die volgen. Daniele lijdt aan een post-traumatische stoornis en vindt nooit zijn plek in de wereld. Chiara vecht tevergeefs om hem in het juiste spoor te houden. Toch is de liefde voor haar pleegzoon onaantastbaar.

Een diepmenselijk gegeven gekoppeld aan een intrigerende historische achtergrond, dat zou een beklijvend verhaal moeten opleveren. Helaas stel je snel na het veelbelovende begin vast dat het plot in mekaar zakt. Als je vanuit vier perspectieven vertelt maak je het jezelf bijzonder moeilijk, wellicht onmogelijk. Dat weet zelfs een doorsnee lezer, laat staan een letterkundige als deze auteur. Het verbaast dan ook geenszins dat Baily er niet in slaagt om de hoofdlijnen naar behoren uit te werken en op mekaar af te stemmen. Haar personages komen bovendien in deze gekunstelde vertelling nooit te leven. De schrijfster rekt hun bestaan onverantwoord lang tot ze alle 379 bladzijden gevuld heeft. Om dat doel te halen bedient ze zich van ellenlange passages over eten en drinken of een kat die een muis vangt. De saaie, oppervlakkige dialogen en de flarden maatschappelijke context leggen haar gebrek aan zeggingskracht bloot. Daarbij verraadt ze haar beperkte talent door belangrijke gebeurtenissen doodleuk uit de lucht te laten vallen.
 
Een Duitse tijgertank in Rome (1944)
Wie een beetje belezen is weet schrijvers te noemen die dit genre wel in de vingers hebben. Elena Ferrante en Maria Duenas, bijvoorbeeld. Dichter bij huis heb je het vakmanschap van Simone van der Vlugt (Rode sneeuw in december). En doe je het iets minder goed dan deze toppers, dan heb je nog een heel aardig boek. Helaas is het verdict van Op een ochtend zwaar. Over een roman die als los zand aan mekaar hangt en bij de eerste windvlaag verstuift, ben je snel uitgepraat.   
  
Quotering: **
 
Uitgegeven bij Ambo Anthos - 2016
 

2 juni 2016

Matthijs Eijgelshoven - Retour Calypso

Aardse paradijzen zijn bedrieglijk !
 

'Iets vergeten is niet hetzelfde als eraan ontsnappen.'
 
Wie zijn klassieken kent, weet dat Homeros zijn hoofdpersoon Odysseus, schipbreuk laat lijden bij een door water omringde plek waarvan aangenomen wordt dat het Gozo is, het zustereiland van Malta. Daar wordt hij opgevangen door de nimf Calypso die liefde met gevangenschap verwart. Na zeven jaar is haar aantrekkingskracht op hem uitgewerkt en kan de zwervende zeevaarder dankzij de tussenkomst van oppergod Zeus naar huis terug keren.
 
Retour Calypso draait in cirkels om deze overgeleverde vertelling heen. Suzy heeft een relatie van tien jaar achter de rug met Victor. Al die tijd woonde ze op het hoofdeiland bij deze succesvolle schilder, die haar het vak leerde. Net als de halfgodin in het oud-Griekse dichtwerk is de kunstenaar een autoritaire man en Suzy een bijna-gevangene van de fascinatie voor haar leermeester. Nu haar vader het einde van zijn leven ziet naderen, neemt ze de boot naar Gozo, de plaats waar ze opgroeide en getekend werd voor het leven. 'Het is maar precies waar ik bang voor ben geweest, dat afstand een goed wapen is maar tijd niet', zo duidt ze haar onrust.

Het droge, rustgevende Gozo
© Scriptor
Meteen hangt er een ongemakkelijke sfeer. Het thuisgevoel is afwezig, de vaderrelatie staat onder druk en mist woorden. Dat laatste stelt Suzy teleur want zij komt verhaal halen. Zonder dat je weet wat er precies gebeurd is, lees je over het grote gemis van haar moeder Lucinda en broertje Daniël. Suzy doolt over het eiland, heeft geen zin om te schilderen, slaapt slecht maar huilt niet. Je ziet een vrouw die zichzelf op slot heeft gedaan, is afgesneden van haar gevoelens en anderen niet toelaat: een overlevingsstrategie waarvoor je een prijs betaalt. Ze blijkt 'een grote, fundamentele woede' tegenover haar vader te voelen. Omdat ook hij onverwerkte ervaringen in drank smoort, stokt de dialoog tussen hen.
 
Als de auteur vroeger en nu met mekaar vervlecht leer je de kleine Suzy kennen, een meisje dat veel te vroeg volwassen werd. 'Niet iedereen van twaalf is een kind', hoor je haar zeggen. Op dat moment is ze al alleen met Alfred zoals ze haar vader afstandelijk noemt. Ze heeft zorgtaken, ook in het familierestaurant dat gerund moet worden. Die uitzonderlijke omstandigheden plaatsen haar in een sociaal isolement en leiden tot diepe eenzaamheid.

Omdat de tijd op Gozo vaak stilstaat
kun je er makkelijk terugkeren naar de middeleeuwen.
© Scriptor
In een suggestieve stijl waarbij de lezer zelf veel in te vullen heeft, tekent Matthijs Eijgelshoven het portret van een vrouw die heen weer geslingerd wordt tussen verbolgenheid en zorgende liefde, tussen schuldgevoelens en wanhoop. Haar radeloosheid uit zich in het dragen van haar moeders jurken, het vergeefs hengelen naar antwoorden die bevestigen dat Lucinda van haar gehouden heeft en het wiegen van de baby van haar oude schoolvriendin. Wars van alle sentimentaliteit ontwikkelt zich een plot waarin duidelijk wordt gemaakt dat er een hels verschil is tussen links- of rechtsaf gaan en dat er geen weg terug is. Bij het slotakkoord stel je vast dat deze cryptische schrijver je op het verkeerde been heeft gezet.

Deze niet zo jonge debutant heeft blijkbaar willen wachten tot hij de vakkundigheid in de vingers had, zijn oneliners origineel genoeg waren en zijn bespiegelingen een voorbeeld van subtiliteit. Wellicht had deze roman op een rauwere toon in het menselijk lot mogen kerven maar dat kan een kwestie van smaak zijn. Het siert Matthijs Eijgelshoven dat hij het heeft aangedurfd om in de huid van een vrouwelijk personage te kruipen, een opdracht waarbij hij nooit uit de bocht gaat. Bovendien is het Calypso-thema een knappe vondst die mooi spiegelt in het eiland met zijn grotten, in het spanningsveld tussen gevangenschap en vrijheid, in de onsterfelijkheid van de kunst en het idee van het verborgene!
                  

Quotering: ***½

Uitgegeven bij Ambo Anthos - 2016
 

29 mei 2016

Donna Leon - Falling in love - Ik aanbid je

Een libretto met een hoog werkelijkheidsgehalte !
 

(Engelse editie)
 
'Fans are fans. They aren't friends.'
 
Een gevierde operadiva zijn is een voorrecht waaraan ook een donkere kant verbonden is. Dat ervaart Flavia Petrelli, de Venetiaanse sopraan die de hoofdrol vertolkt in Puccini's Tosca. 'If it weren't for the singing, none of us would do this', zo relativeert ze de glamour die anderen podiumsterren toedichten. Vooral de bekendheid en het daarbij behorende gedrag weegt zwaar op haar: altijd opletten wat je zegt, altijd beleefd zijn, ook als je moe bent en rijen fans op je wachten. Maar dat is klein bier vergeleken bij wat haar in Falling in love overkomt.
 
Ruikers bloemen in je loge vinden is gewoon maar ondergesneeuwd worden door gele rozen is een beetje angstaanjagend. Als je diezelfde bloemen aantreft binnen in het afgesloten palazzo, waar je verblijft, dan wordt het tijd om een bevriende rechercheur aan te spreken. En als wat later een kennis en een vriend van je slachtoffer worden van agressie, weet je dat er gestoord gedrag in het spel is. Werk op de plank voor Donna Leon's vertrouwde inspecteur Guido Brunetti!

Heropening in 2003 van La Fenice, de opera van Venetië,
na een verwoestende brand.
© Giuseppe Cacace
Dit operaverhaal heeft, zoals verwacht, een echte Donna Leon-handtekening. Het vertelritme is traag maar niet saai want beschouwend met interessante doordenkertjes. Hoewel Brunetti geen druktemaker is, zie je een man die zich vastbijt in een zaak, op cruciale momenten geen tegenspraak duldt en boven het aanmatigende gedrag van zijn superieur Patta staat.

Daarbij krijgt medewerkster Signorina Elettra puntige dialogen in de mond gelegd die haar subversieve houding - wel altijd voor de goeie zaak - hoogst amusant maken. Deze keer neemt ze stelling in de zaak Alvise, een teamgenoot die zonder gehoord te worden op non-actief wordt gesteld. Bij Donna Leon zit je altijd goed voor een dosis kritiek op typisch Italiaanse toestanden. Zo weegt het principe dienst-wederom-dienst zwaarder door op professionele relaties dan het idee dat je het beste van jezelf moet geven omdat de samenleving je ervoor betaalt. En wie een lift wil installeren in een historisch pand krijgt hier enkel toestemming voor als een toeristische - kassa, kassa - bestemming aan het palazzo gegeven wordt. Oudere eigenaars die de trap niet meer op kunnen tellen niet mee. 

Embleem van La Fenice 
© Sémhur
In Falling in love staat de vrouw centraal. Niet alleen haar kwetsbaarheid maar ook het aandeel dat ze heeft in stalkingszaken. Er zijn meer vrouwen dan mannen, zo schrijft Donna Leon, die op onbeantwoorde gevoelens of wensen reageren met hinderlijk achtervolgen en ernstig lastig vallen. 'Life moved along and things changed and some people were cast aside or replaced by others. Most people took this as normal...others refused change...', laat de auteur haar Brunetti overdenken. Een ander soort aandacht gaat uit naar Paola, de echtgenote van de speurneus, die aan haar kinderen uitlegt dat ze niet op elk moment de moeder wil zijn die helemaal beschikbaar is.

Het dramatische slotakkoord op de bühne van La Fenice is een knap staaltje vertelkunst waarbij creatieve verbeelding en werkelijkheid elkaar ontmoeten. Gedwarsboomde intenties die de gedaante aannemen van chantage en haat, zullen nog vaak librettisten en andere schrijvers inspireren! 


Quotering: ***½
 
Uitgegeven bij Arrow Books 2016 & De Bezige Bij 2016